Het nieuwe nummer: ‘Water-Zee’

Een dubbelnummer, gedrapeerd rond coverE17-18Een (on)mogelijke reisgenoot, een poème fleuve van Theo van der Wacht

Met o.a. het prachtige essay ‘De intimiteit van water en het water van de intimiteit’ van René ten Bos, winnaar Socrates Wisselbeker 2016. Verder essays, korte verhalen en gedichten. De tekeningen en schilderijen in dit nummer zijn van Ronnie Krepel.

Het nummer kunt u hier bestellen.

Gepost in Geen categorie | Getagged , , , , , | Plaats een reactie

Gevende mensen, door Christian Oerlemans

Dit stuk schrijf ik terwijl ik op het terras zit achter het huis van Rafi (Rafaela) en Juan, in Mérida Spanje. De bouganville bloeit uitbundig, de larmoyante  Perzische kat ligt bij mijn voeten. Boven ligt mijn echtgenote, ziek in bed.

Hoe is dit zo gekomen? Door op avontuur te gaan via Airbnb. Ik moet toegeven dat ik hiertoe een drempeltje over moest, met name na de vele publiciteit rond wilde kamerverhuur in bijvoorbeeld Amsterdam. Airbnb werkt kort gezegd een beetje als facebook, je moet vertellen wie je bent en de verhuurders geven ook hun profiel plus foto’s van het onderkomen dat ze verhuren. Bedoeling is een zekere openheid te creëren, zodat je weet bij wie je terecht komt. Noem het clubgevoel, Wij van Airbnb (zie vorige column).

Mérida is een monumentale historische stad die aanleiding geeft tot gepeins op het terras van Rafi en Juan. De rivier de Guadiana die tussen Portugal en Spanje kronkelt is hier, redelijk dicht bij de bron, een kilometer breed. De Romeinen bouwden een brug, met een lengte van 800 meter. Tot begin jaren zeventig reden er nog auto’s over, maar sinds de beroemde Calatrava verderop een superbrug heeft gecreëerd, is het de 800 meter lopen. Lang was deze brug de enige noord-zuid verbinding in de Extramadura en er is veel gevochten, verwoest, verbouwd en gerenoveerd, zelfs nog onder Napoleon die evenals de Romeinen, Visigothen en Moren met zijn legers over de brug kwam.

Over de brug was vroeger de stadspoort die toegang gaf tot een enorme fortificatie die door de Christenen veroverd werd op de Moren (koning Alfonso IX van Léon) in 1228/29. Maar eerst hadden de Romeinen hier een fort in 25 B.C. toen het hier Emerita Augusta heette ter ere van Octavianus Augustus. Na de Romeinen kwamen de Vandalen die – het woord zegt het al – de boel verwoestten totdat ze verjaagd werden door de Visigothen die het ford weer herbouwden en er een paar honderd jaar later werden uitgejaagd door de Moren. Genoeg geschiedenis. Je kunt het allemaal opzoeken op het internet.

Wat mij mijmerend voor ogen kwam waren de enorme volksverhuizingen. Die Visigothen bijvoorbeeld kwamen ergens van achter de Dnjepr vandaan , vluchtend voor de Hunnen naar het schijnt. Ze leverden slag met de Romeinen, de Alemannen, de Franken, die uiteraard hun grenzen sloten, totdat ze uiteindelijk op het Iberisch schiereiland hun plek vonden. Eigenlijk net zo’n verhaal als dat van de “Settlers” in Amerika. En ja, de Visigothen waren ondertussen ook gekerstend dus veel gebeurde in naam van de Heer. Er was zelfs een bisschop in Mérida en een Bijbelvertaling in de oude Germaanse taal Gotisch. Tegelijk kwamen uit het Noorden de Sueben of Sueven (Zweden), ook een Germaans volk dat al plunderend de westkant in beslag nam, het huidige Portugal en een deel van Spanje. Natuurlijk woonden er inheemse mensen, maar die hadden weinig in te brengen, die waren door de Romeinen in Hispania Lusitania al monddood of gewoon dood gemaakt.

Als ik tussen al die overblijfselen loopt van wat wij in historisch besef ‘beschavingen’ noemen, bekruipt mij toch een gevoel van onvrede met de mensheid. Ja natuurlijk, het is allemaal cultureel en prachtig en blij dat het er nog staat en mooi dat zelfs de tombe van Santa Eulalia (beschermheilige van Mérida) bezichtigd kan worden, dat arme twaalfjarige meisje dat haar Christelijk geloof niet wilde afzweren in het land van de Muzelmannen, allemaal interessant. Maar in Syrië gebeurt hetzelfde. Monumenten verwoesten, mensen vermoorden, landjepik spelen.

Genoeg hierover, terug naar Rafi en Juan die alles doen, maar dan ook álles wat ze kunnen doen, om het hun gasten naar de zin te maken. Mooie kamer, lekkere badkamer op 4sterren niveau, een ontbijt waar je de dag op doorkomt en verder verdwijnen ze nu en dan een tijdje en heb je het huis – dat overigens best groot is – tot je beschikking.  Helaas werd Willemine ziek, ernstige darm-ongeregeldheden, gisteren halve dag in bed, vandaag hele dag. ’s Nachts weinig in bed en veel in de badkamer. Rafi dus vanmorgen meteen naar de apotheek, heeft pillen gehaald die helpen. Voor mij kookt ze nu speciaal ‘licht’ eten want zij denkt – ondanks mijn protest – dat ik niet tegen hun zware Spaanse maaltijden kan haha.. linzensoep met chorizo?  Straks ga ik samen met Juan naar Italië-Spanje kijken, EK voetbal. Speciaal voor mij zetten ze een fan in de woonkamer, opdat ik het niet te warm heb. (Mérida is in dit jaargetijde inderdaad erg warm, je snapt niet dat de legionairs in hun barakken achter de hoge muren van het fort nog een speer konden optillen). Het is ook warm in menselijke zin, want Rafi en Juan zijn openhartig, geïnteresseerd in ons. We praten soms een halfuurtje met vertalingen op de telefoon(traduzir). We weten nu dat Rafi een vader had die zoop en sloeg. En Juan was 5 toen zijn moeder stierf en zijn vader wegliep. Oudste zus was toen 13. Zes kinderen alleen gelaten, drie zusters, drie broers. ‘We hebben veel geleerd’, zegt Juan. Hij zelf kwam in de handel en heeft een fastfood restaurant. Een broer is flamencozanger en -gitarist. De andere broer is leraar Engels. Op zijn 12e ging Juan werken en terloops naar school. Zegt Rafi: ‘we wisten in de klas wel dat Juan aan het werk was als hij niet op school kwam’.  Geliefden sinds hun schooltijd, nu midden veertig. Alles piekfijn voor elkaar, een zoon in Oxford als importeur van Spaanse producten, een dochter op Ibiza in het toerisme. Heerlijk om zulke mensen te mogen ontmoeten. Gevende mensen, in een stad waar eeuwenlang zoveel genomen is.

Gepost in Column Oerlemans, Home | Getagged , , | Plaats een reactie

Code Rood. Online leren, door Mischa van den Brandhof

Bosmieren opgelet! Op 1 september gaat de Formicidabele School de Hoop (FSH) van start met de mini-MOOC getiteld The Zombie Apocalypse: Essential Skills and Strategy. Door klimaatverandering bestaat het risico dat tropische paddestoelen zich op onze bodem gaan nestelen. Een van deze soorten is de Ophiocordyceps unilateralis, een paddestoel die een besmettelijke en dodelijke infectieziekte veroorzaakt. Het is gebleken dat de sporen van deze parasiet het lichaam kunnen binnendringen, waar ze de controle overnemen van de hersenen en de ongelukkige naar een hogergelegen plek doen wandelen. De schimmel groeit vervolgens als een hoorn uit het hoofd om nietsvermoedende voorbijgangers te besmetten – en zo worden hele kolonies uitgeroeid. De MOOC is gericht op state of the art kennis over de cordyceps en het leren van praktische skills die onmisbaar zijn voor de moderne mier. Het vak wordt gegeven door Prof. Kampernoot en Commissaris-Generaal Bulderbos en is verdeeld in vier modules: ‘Cordy Who?’ (introductie), ‘Z is for Zombies’ (feiten en fabels over besmetting), ‘Hell is Coming’ (ervaringen uit de tropen), en ‘Staying Alive’ (trainen voor de apocalyps). Gedurende de cursus bent u bezig met video’s, artikelen, interactieve discussies en quizzen, en het delen van ervaringen met medemieren. In samenwerking met DefAnt is er ook een honours project, waarin u zelf leert hoe u van zilverberk een beschermend harnas en helmpje kunt maken. Schrijf u vandaag nog gratis in op www.animooc.com!

Gepost in Columns, Home | Getagged , , | Plaats een reactie

Brexitland revisited, door Manuel Kneepkens

In de etalage van Europa
ligt de Noordzee in de Opruiming

Kwallen…legioenen kwallen…
koukleumende nudisten
Total loss !

Die uit de Heimat dragen een Stahlhelm
maar vele malen arroganter
zijn die gestrand
uit de UK !

Glazen Sprookjeskoetsen
Fin de siècle-speelgoed
met dodelijk voltage…

inhoud:

Queen Victoria

een transparante plumpudding
onder een lila parasol

althans haar kadaver, wuivend
grijnzend
vanuit ons aller-Onbewuste…

naar haar darling-onderdaan…
een sinistere flaneur in de London fog

onder de cape
van zijn Bullingdon-rokkostuum

een lijkbleek slagersmes…

                   Brexitman Boris Johnson

Gentleman Jack the Ripper!

Gepost in Home, Poëzie | Getagged , , | Plaats een reactie

Er nooit dichter vandaan, Theo van der Wacht: ‘t

Jij (ik?) dacht het uitgewerkt,
maar nu het zuigt, schootsveld

ogenschijnlijk, de schrijfhand
in zijn ziel geraakt, digitaal

woorden briesend naar wat zeg
paard aanspoort, ’t horen laat -

Iedere maand een nieuw gedicht van ‘monnik’ Theo van der Wacht

 

Lees meer »

Gevrijwaard

Stofwoorden die opstuivend de pluizige lente
verraden, zuidzuidwest, schapenwolken in het
blauw aangestipt, gevrijwaard van zwaarte

en hemelvrees, als een trekvogel op doorreis,
bovenwinds op de luchtstroom meedrijvend.
Jij? Ik? Zwichtend voor die onmogelijkheid?

Met onze vlerken gekortwiekt, uitkauwend bij
kunstlicht, het oude lied van al hoger en hoger,
John Keats, zonder leeuwerik in het verschiet.

 

Alle maanden

We schrijven een antieke oktober, Augustus is keizer in
Rome, ongerust over een baby die in maart is ontloken
- Mars, oorlog, Joden, Vandalen. – Duikt november als
elf op in de annalen – ‘Rijmt mooi, maar waar bleef Jezus
in dit verhaal,’ vraagt onze meester, die eind december
geen stal maar een dennenboom optooit, ons al eerder
besmuikt verhaalde dat september de bronstmaand is -
Met burlende herten, een afgedankt gewei. – Winter?
Die is haast al voorbij, één wit -

regel , en de woeste wil van april staat weer centraal,
le sacre du printemps, waar de natuur buiten zinnen op
mei aanstuurt, met hopelijk iets nieuws op het plankier -
En juni zich modieus aan het optutten is, selfies uitdeelt,
schouwspel door martelaren verafschuwd, als Julia ruw
door opa Saturnus wordt belaagd, februari met januari
op de vuist gaat, om wie ‘t eerst mag, de boete achteraf -

 

ontnuchtering

 

 

 

Ontnuchtering

Os staat verbaasd op stal, en voor ezel heeft het
balken allengs afgedaan, maar de ganzen slaan
milieu-alarm, en ik?, die vat in een bevlieging
Pegasus bij zijn staart, maar dit raspaard keert
zich briesend af, zelfs geen hoefslag kan er af -

Daarom blader ik prozaïsch door wat kranten,
zie de foto’s, spot de ellende en share mijn wel-
bevinden op Kletsboek met een selfie voor al
mijn vrienden voor vandaag en nog heel even -

Jezus en ik, wat hebben we het samen fijn: Hij
veilig in de warmte van de stal, ik ontnuchterd
door de mistletoe, dennengeur en schone schijn -

Piet en Sint

De Piet van Sinterklaas

Die Piet, of ie nu pimpelpaars, pikzwart of spierwit
door het leven gaat, de duvel en zijn ouwe moer of
erger nog, een betovergrootvader als voorzaat heeft,
het zijn z’n lach, zijn springerigheid en de ondeugd
waar hij voor staat.- O middeleeuwse Piet, wanneer
deed jij nu òoit een braaf oppassende kleuter kwaad –

 

licht

Echt licht

Lichtsnelheid – Botsing – Beng!  Split second – onze capsule spat   uiteen, kernsplijting op papier, door een oneigenlijke bril bezien,  en digitaal weerspiegeld en geformuleerd voor wie het navertellen kan en wil.. U misschien, vanaf de Dierenriem? – Filmt men daar straks niet het Sint-Elmusvuur van ons ‘allerlaatste uur ……..?’

Ik klap mijn laptop dicht, blik een oogwenk in echt licht, bedenk ‘schaduw van de zon’ en beklim in een flow het eerste de beste hoge duin. Met GPS stand by ontdek ik het terras aan zee waar de anderen ogenschijnlijk al zijn.- Wars van angst, kies ik de kortste weg  naar het strand: Prikkeldraad. Winkelhaak. Bloeddruppels in het mulle zand -

Nieuws-app meldt:  Er is een onvermoede zonsondergang voorspeld.

 

theo2

Pi

‘Be willing to be blind, and give up all longing to know the why and how,
for knowing will be more of a hindrance than a help’

The Cloud of Unknowing,
anonymus medieval English.

Reeds als ezelsbrug om veel te houden van: Wie ù kent, o getal (…..)
Zo gewoon als ik mij verliefd betoon: deze omhelzing = omcirkeling, een
kwestie van niet bang zijn vóor – ons gekromd heelal in vierkant op papier.
Dit taalt naar kwadratuur, naar geest die huist waar nog niet eerder iemand is geweest, boven die wolk van niet weten uit, waar nog van alles mogelijk lijkt..

(Wie verzint er nu zoiets, bromt professor Wit, aanhanger van de lege blik.)

Pluto of Venus, een baksteen of een kus.- Die plotse zonsverduistering komt
mij goed van pas.- Ik klamp me in pikkedonker vast aan het getal, laat Pi zijn
Odyssee verrichten in mijn dromerige brein: Sterrenschepen bewegwijzeren
de kosmische woestijn. Tijdreizigers cirkelen af en aan, spelen stommetje,
een spraak die mij verstaat.- Waar het almaar vroeger wordt, ontwaak ik vast
te laat..

 

theo

OFFERANDE

Wat er àl niet in die twitterende hoofdjes rondwaart -
Je vraagt het je amper af, of jouw naam schalt door
de klas, en verspringen vrees en durf spontaan van plaats,
zit jij daar plots als primus inter pares een overjarige
heldensage op te dissen, benevens de list die Atlas voor
eeuwig met zijn last opzadelt. Van de gezichten rond je
druipt het ongeloof af, hoogste tijd dus om de woorden
nous, thumos,epithumia te arceren, Plato’s Phaedrus een
kans te geven, de aura van een geleerde aan te nemen -
En sta je later werkelijk als leraar voor een gehoor dat
zijn oor het liefst toch aan zo’n smartphone leent, sla
dan de handen voor je ogen, zoals Oidipoes de blinde,
en smeek Apollo, of hij jouw offerande wèl aanvaarden
wil, en reis daarvoor nù naar Delphi af, stante pede

Idee: Eva van der Wacht (gymnasium 5)
Tekst: Theo van der Wacht
juli 2015

 

Badkoorts

Over de zee schrijven, na er enkel maar over te hebben gelezen, dat deden zelfs
gelauwerde poëeten. Zulke onvertrouwdheid hoeft op zich niet altijd in mindere
gedichten te resulteren. Zeeziekte en zeebenen, daarover kun je twisten, maar al
via een schep badzout laat je dat ouderwetse ligbad herleven, waarin je als kind
ooit werd gekielhaald – de shampoo prikt weer in je ogen, schuim spat van de
golven, jouw erectie rijmt op Aphrodite, en je boekte al een cruise naar Cyprus.

Op de Mediterranee zet de schipper alle zeilen bij om aan Scylla en Charibdis te
ontkomen. De scheepsomroep orakelt: ‘Zeven korte stoten plus een lange op de
scheepsfluit betekent Schip verlaten. Eerst de bejaarden.’ Beneden oefent moeder
La Mer op de piano. Badwater gorgelt in de afvoer. Mijn badeend raakt volledig
onbestuurbaar. Ons zeekasteel begint nu te trillen en te deinzen. Terwijl ik uit het
bad stap en mij afdroog, raakt de reddingsboot te water. Schipbreuk is voor later -

 

theo van der wacht

Doodmoe van politiek geknoei en blabla die gast
een Haags middagje zeebad te offreren – ligstoel
badhanddoek parasol.- Maar of ie zal toehappen,
wie zal ons vandaag onbewolkt weer garanderen -
- Ober! Eén portie ballen! Gloeiend heet, svp.
Ik relax en rol een sigaretje, en verbeeld me
zijn vlammenzee tegenover mijn saffie, hij
het langste.., ik het kortstonderige eindje…
En hoor hem ja nu in de verte al brommen:
- Bruinbakken? Kijk je uit voor je weet wel, ventje.
Pfff. – Wie lust er een bal van me, wie een trekkie?

 

Juni van muziek

Zon hier woord dat zich opdringt wel
is waar enkel kunstlicht afscheidt toch
met juni en deze duinpan in het zicht

een tropisch tintje aan de ingezoemde
klank verleent, melodieuze frase door
ooit een kind baarmoederlijk beleefd

roze noten, broederlijk brein verkleefd
nooit meer dichter in de buurt vertoefd
wit de zee die dit geneurie onderbreekt.

 

Sinds de oorlog vermist

De vader ‘Is over the ocean’, en leeft sinds
de oorlog voort als vermist. De moeder, tipsy,
knoeit met bokking op haar corrigeeerwerk en
gebaart de buurtende zoon om een vaatdoek.
Tot de hond die haar onbedaarlijk te na komt:
‘Wacht maar als de captain zo thuisvaart!’, en
wuivend naar diens ovale, vergeelde portret:
‘Die is nu al ruim een halve eeuw onderweg.’

Of ik Dido’s klaaglied nog eens opzet, liefst het
vertrouwde met kraak. Onderwijl kijkt ze terug op
de moffentijd, en praat zelfs als ik Purcell brul, wijs
richting langspeelplaat, onverstoord door over mij,
het lastpak, dat luid op straat ‘We gaan naar Engeland’
begon te zingen in het ‘soldaten’ Duits.
Onvergetelijk
blijft mijn doorgevraag waarom de kat van boven niet zo.n
 ster draagt: – Mam, mag Tomi dan wel bij ons, straks?

En opnieuw vaar ik over een opengevouwen zee
mijn daddy achterna, en weer als we Tunis aandoen,
slaat er die brandbom in, vlak bij ons in de buurt -
De gevreesde vuurstorm blijft uit, het dodental beperkt
en ik, de grootadmiraal, wip onder de tafel vandaan
met mijn bordkartonnen vlaggenschip.
Tijdens zo’n
uitvaartdienst speelt moeder de treurmuziek; thuis
zwoegt ze op wat zij noemt De Ontembare Zee
- La Mer lees ik, vurig spellend, op de partituur.

’Evacueren’, rebbelt ze, ‘hield in dat je tegen je zin ..’
‘Haast je rep je moest verhuizen’, overstem ik haar,
’wat voor ons uitdraaide op inwoning bij een boer.’
’O, die smeerboel als de beerput overliep!’, roept ze uit.
‘Fecaliën, moeder, die in jouw woorden toen, á la de
Armada samenschoolden in de goot….’
‘Wat ìk nog goed weet’, verzucht ze, ‘is hoe wij daar
op het platteland tandakten naar een schep zeelucht.’

Weer hoor ik mijn nieuwe schooljuf bidden tot een ‘Heer’
die niet bestond (als ik mijn moeder geloven mocht); zèlf
dorstte ik naar de periodiek  ‘Wie,Wat, Waar,Wanneer?’,
met als mijn favoriete premieplaat de beeltenis van een
raadselachtig bloot, Aphrodite Anadyomene genaamd.

‘De dokter’, zegt moeder, ‘typeerde jouw val in vijandelijk
prikkeldraad als een vuurdoop, en ..’
Duurde het wachten in de
kliniek een eeuwigheid – tijd genoeg om te bepeinzen waarom
die zogeheten almachtige god dit alles toch toestaat, dat kwaad,
die rot oorlog (alleen al de Deutschfeindliche scheepsruimte
- in bruto registertonnen – die er de eerste oorlogsjaren volgens
persbureau Reuters dagelijks ’in de grond werd geboord’…)
- het hechten van de wond daarentegen was in een oogwenk
gebeurd.

Een projectiel als de halfjaarlijkse brief van het Rode Kruis:
het ergste vrezend zie je haar die openritsen – dood?
vermist? of misschien toch weer een levensteken?
Is het een wonder dat de uitdrukking ‘strakjes als’
permanent vóor in moeders mond bestorven ligt?

Wanneer honger en winter hen aan bed binden,
wijst de moeder de zoon in Duizend en Een Nacht,
net voor ook dit boek wordt verstookt, op de zeeman
Sinbad
- diens schipbreuk, diens volharding, diens geluk.
Enkel de kindertekening van een boot, wat kranten
tegen de tocht, en de wereldkaart aan de wand
(knopspelden registreren er het ‘landjepik’)
blijven nog zo lang voor de kachel gespaard.

Op de dag van het bericht dat ook deze vader
officieel wordt vermist, sneeuwt het haring en
Zweeds wittebrood uit de wolkenloze lucht –


Uit de diepte

ter nagedachtenis aan
M.P.J. van der Wacht,
Den Haag, 1906 – Sardonische zee, 1944

Er zwemt iemand over mijn graf.- De juiste plek?
Die staat exact in de scheepsverklaring vermeld.

Al sinds die oorlog rusten mijn resten hier op een
geïmproviseerd bed, maar mijn dood houdt dankzij
een nabestaande hardnekkig stand, al nadert de rij
overlevenden thans in een versneld tempo zijn eind –

De zee hier is twee honderd vaam diep. Op je eentje
duiken lijkt me te gewaagd. De toegang die de mijn in
de scheepshuid sloeg, staat als altijd open voor bezoek –

 

feut

opnieuw lente een gloed
tussen dood en geboorte

waar een feut zit te broeden
op de ingevroren narcissen

met de vreselijke woorden
van geen zon die wil gloren

 

lente bij hoog en bij laag

Opvlucht van dwarrelende blink wiens
saltomortales zich mengen met mus en getsjilp
omstreeks het daktuimelraam alwaar mijn
onzalige, buitelende kater

Tik later weerstaat zwaan de slagkracht
van een minnaar – plons kreet en snavel
in poldervaart die op eindeloos uitloopt

Na zo’n moment waar je bij hoog en bij
laag zwoer dat hij echt was die leeuwerik

 

Afvragen

Nadenkend over stad rijzen er  vragen  als
Verhaal of gedicht?  Voor jong en/ of oud?
Schepje zoet, puntje zout? Wie is hier ik?       

Waarom hij nu net een bankkraak beraamt,
zij op de fiets haar cliënten bezoekt, en jij
aan een stickie sabbelt in de koffieshop.

En ik? Die overziet op de luchtkaart vrijwel
alle buurten en straten. Weegt risico´s.
Vraagt af. Ziet heuse kansen -  Jenseits von
Gut und Böse? -

Verzwijgen

Wil het stilletjes ondersneeuwen
Voluit betekenisloos witte vegen

Met geen winterwoord te verven
Door geen oogwenk in te perken
Niks dan niets wordt er vergeven

Hartklop adem matglas doorkijk
Hoor hoe die het ook verzwijgen

 

Op het nieuwste jaar

(astrofysica)

‘im Ganzen is immer schon alles gezählt’
R.M. Rilke

…als in het morgenrood van ooit, op die eerste
ochtenstond, waar behalve licht geen ander
schrift bestaat, geen priemgetal, geen maat…

…wat later
met roze champagne en vodden bij de hand,
wij, als halfproduct van oerknal, god en
pandorische kunst en wetenschap…

Pandora

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pandora
John W. Waterhouse

 

Tante Sint en oom Piet
een moraliteit

sintenpiet

Voor wie gelooft duikt de vliegboot uit
Spanje weer op.- Mijn oom speelt voor
Piet, mijn tante voor Sint. Oom besnord
En bebaard, tante zorgvuldig onthaard.
Oom zweert bij een tok, tante bij naakt.

Verwacht hier geen kadoos uit de zak van
Oom Piet, geen ‘lief of stout’ uit de mond
Van mijn tante de Sint, ook niet het wit en
Zwart door het oog van een kind, noch het
Blindvaren op, en wie doet dat soms niet..

Op een speelse tik heb ik oom Wim zelden
Betrapt, de schoot van tante Fien verwekte
Blosjes die ik pas heel veel later doorzag -
En mijn tante Sint en oom Piet?- Die twee
Bruinen zich behagelijk ontkleed, zo niet
Aan Spaans strand, dan toch wel op hun

Zonnebaadbank

 

Herfstcyclonen

herfstcyclonen

 

 

 

 

 

Weer peren, Eva, herfstcyclonen.
Hoogseizoen voor oude dromers:
zijn blote hand onder de bank en
zij die deed of ze niks zag, maar in
de nablijfklas schrijft opa zich een
lamme arm, strafregels levenslang
Dwars door de schaamte heen want
straalverliefd kwadraat maal pi – de
afstand tussen rijtjeshuis en Paradijs

- en altijd keurig voor het eten thuis.

 

Veredeld licht

Een simpele vingerveeg, en we zwerven uit
over het wereldnet. – Ontdek jij nu een passende
voorgeschiedenis, dan test ik de nieuwste app.

Gehaaide diginauten zonder pen en boekenlast -
Knipogend naar Slim O’Dysseus, praten zij rad
Trojaanse paarden en hun aanhang van het web

En surfen ze op golven veredeld licht, aldoor
laverend tussen onbekend en gerenommeerd,
van Genesis naar Jongste Dag, en omgekeerd.

 

Obsidiaan

Oersteen om voor tot op de bodem te gaan.
Naam stamt van Obsius de ontdekker ervan.
Ons klompje vulkaan meet een kilo of drie.

De glasmeester heeft wel oren naar onze idee.
- Kwestie van chemie, vakwerk en fantasie.
Vaste prijs voor ieder van ons: een splinter

ziel. –
Een loopje met Faust? – Kom doe niet
zo flauw! –
En zo zoeken wij nog altijd naar
de enige naam voor deze trofee, van dit glas
hard glinsterend zwart

 

Voetbalheldendom

‘Ik heb mezelf nooit als een held gezien’
Wim Kieft

Voetbalheldendom Theo van der Wacht

Vier tassen markeren het plein tot een speelveld,
de mat van fijn asfalt.-  Je speelt er om de eer van
je straat, vandaag 6 tegen 5, wij buiten kijf met een
vliegende kiep, wiens bloedende knie ìnstaat voor
felheid en strijd.- ‘Zat deze nu wel ja dan niet, of
was het “over en naast”, dat balletje van een cent’.

De fluitist die er bij ons aan ontbrak staat de volgende
dag in de sportkrant, om de pienantie die hij al dan niet
gaf, om de schwalbe die hij als enige niet zag…

En nooit
zullen we zijn uitgepraat over dat schot zijkant paal
in de laatste minuut, over die teenlengte pech in de weg,
het minieme verschil tussen uitzinnig geluk en
peilloos verdriet.

Toch gaan we vandaag opnieuw onversaagd uit ons dak –
in de clubkleur, mèt spandoek, in ons eigenste vak –
voor een spelletje en een relletje, als eerbetoon en ter
herinnering, aan het voetbalheldendom

 

Nachtegalen

Zinnebeeld? Idool? Sinds mensenheugenis de eerste
viool in mythen, sprookjes, en verhalen. Wereldwijd
drager van namen als bulbul, rossignol, nightingale.

Vogel met zo’n staat van dienst, en toch de echte niet.
Die verbergt zich op een kwartiertje gaans van hier
in de gure voorjaarsnacht, in de afgerasterde natuur.

Daar nu te staan kleumen onder een straatlantaarn -
Zonder mobiel. Zonder woorden. Zonder partituur.
Met alleen maar die trillers uit een keel, het vurig
begin van sneeuw -

 

Cader Idris

De imker spreekt slechts Gaelic, vandaar
de gebarentaal, hem vroeg je naar de weg.

Je had je danig voorbereid op deze tocht
maar door damp en een kompas dat miswijst -

Terwijl je samen honing eet, melk drinkt
van de geit, keer je vliegenvlug

terug in de tijd. Je staat nu hoog
op de plaats zoals een voorzaat die beschreef:

behalve de sneeuw, alleen steen, gruis.
Er nooit dichter vandaan treur je thuis.

( Cader Idris: bergrug te Wales. ‘Wie er de nacht
doorbracht, ontwaakte er ‘s morgens alleen als
krankzinnige of dichter…’.)

 

Alle vogels

‘April is the cruellest month’
Wasteland, T.S. Eliot

Vrij verklaarde vogel op de vlucht; een valstrik
plukt hem aanhalig uit de lucht.- Doodsangst tergt
de omgeknoopte strop, opschortend het finale moment –
de onwerkelijkheid: alle vogels behalve jij en ik

 

Verwachting

Nog 1 keerlus en het land ligt braak
Golvende kluiten schitterend zwart

Vorst vreet al nachten aan de grond
Verwachting dat het sneeuwen gaat

De stramheid van de ochtendkilte
Alleen het koffiezetsel zich betuigt

Buiten dolt de zon met nevelslierten
Regenboog om verzen in te weiden

 

Marcel van Eeden

Vloek

Zuidzuidwest
Der
Nordost wehet. Zeelicht inkt gewolkte zwart
legt blikseminslag bloot
Zo’n beeld verstaat zich
tegendraads
met wat de kijker leest
kantelt
de ogenblik die zwalkend
gat op gat bikt in de tijd.
Op het ontbijtbord restjes
gekleurde hagelslag als
bloedcel
voor de nieuwste dag die
aanschreeuwt uit het boek
van woorden licht en vrees, verenigd tot een vloek –

Citaat uit Andenken van Friedrich Hölderlin
Tekst geïnspireerd door een Vloek van Cor Gout en
het Tekenwerk van Marcel van Eeden

 

Barrières

…al is je mond gortdroog, je lippen gebarsten
en brandt je tong van wat je verzwijgen zal

Onvergelijkelijke herinnering aan, je zou het
willen uitschreeuwen maar

Kinderen, buren, de taalbarrières van….

 

Aloude nachtegaal

Al vroeg in China maakt men hem knap als
mechaniekje na, favoriete speeldoos van
menig potentaat en kunstenaar
………………………………………..Zanger, verleider,
bedrieger
……………Bulbul in het Perzisch, naleesbaar
in het Chinees
…………………..De mijne verbergt zich het gehele jaar door
op een zoekopdrachtje gaans –
……………………………………..zie de pixels waaruit hij
bibberend ontstaat, beluister de klanken
waarop hij ons blikkerig onthaalt -

Solist in digitaal grijs
…………………………….zijn silhouet
echt als surrogaat

 

Atopia

“Nooit iets van waarde meenemen op reis (…)
je moet bereid zijn alles te verliezen’.
Redmond O’Hanlon

Die naam praait om een schip
compleet met kraaiennest en uitkijk, zware ijsgang,
walvissen en mist
‘Ahoi boots, land in zicht.’

~~~~~~ ^^—-#~~~ Dit krabbeltje als eerste aanzet van
de cartograaf. – Nieuw land wordt onbegrensd
in kaart gebracht.

~~~~~~~~~~~~~~~

Een plof, een schok, en nu het helder wordt, blijkt dat ìk
de noodlanding heb uitgelokt
Ik gesp mijn gordel los,
doe afstand van bagage en mijn pas
‘Dear Liberty’,
met dank aan William Wordsworth volg ik als gids en
toeverlaat de eerste de beste wandelende wolk
I cannot miss my way’,

kompas noch kaart, laat staan een laptop, belemmeren
mijn gaan
te voet en liftend On the road die mij alles doet
vergeten wat ik er van weet
kriskrassend over de planeet.….

Grenzstein 37 –
foto Tanya van der Wacht
Stemwede- Levern

 

Tango en vrouw

O Màlena, hoe jij als tango en als vrouw:
zelfs in mijn slaap (ik droom een rokerig
lokaal) omhelzen wij La Yumba en elkaar

Onvermoeibaar achter-, zijwaarts, gancho,
zwaai – in overrompelende taal de zweepjes

van vocaal en bandoneon, tot plotseling die

schel

Nee, aan dit café kleeft geen nachtverbod,
enkel de timer van mijn radioklok, belletje
waarvan ik wakker schrok, als jammerlijk
slotakkoord.

 

Gepost in Poëzie | Getagged , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Wij en Zij, door Christian Oerlemans

Sommigen zullen zeggen: ‘wij en hun’, maar daar gaat dit stuk niet over.

Ik kom op dit onderwerp omdat de tekstschrijver Jaap Toorenaar een boek maakt over bekende reclamecampagnes. ‘Even Apeldoorn bellen’ kan dan natuurlijk niet ontbreken, deze campagne won in 2015 met enorme voorsprong de “Gouden Loeki aller tijden”, uitgereikt door de STER.

In gesprek met Jaap over het ontstaan van de campagne –gemaakt samen met art director Fons Bruijs in 1986  – realiseerde ik me dat wij toentertijd veel meer bezig waren met het interne bedrijfsprobleem bij Centraal Beheer, dan met deze reclame, waarvan we natuurlijk nog niet wisten dat die zo’n lang leven zou hebben.

Centraal Beheer was als kleine coöperatieve verzekeringsmaatschappij verhuisd naar een revolutionair kantoorgebouw in Apeldoorn, ontworpen door Herman Herzberger. Dagelijks trokken groepen bewonderaars, overgevlogen vanuit Japan of Australië of Amerika, door het pand. Volledige openheid tot in de directiekamer. Overal espressobars, hangende plantenbossen tussen het betonskelet, aquariums, huisdieren en – heel apart voor een verzekeringsmaatschappij – spijkerbroeken en geen stropdassen. Zo’n vrolijke alternatieve kantoortuin had niemand nog ooit gezien.

Centraal Beheer was een buitenbeentje in verzekeringsland waar driedelig grijs toen de norm was. CB verkocht verzekeringen als postorderproduct, per coupon. Knip uit die bon en pak uw voordeel. “Verzekeringen voor zelfverzekerde mensen “ hadden wij bedacht. En het kon nog makkelijker: gewoon per telefoon. Even Apeldoorn bellen. Maar toen wij die campagne presenteerden schrok de baas, Geert Boreel, een beetje terug. Hij hoorde in gedachten al die honderden rinkelende telefoons die niet werden opgenomen omdat zijn medewerkers in de coffeecorners zaten. Mensen zijn immers net kinderen; als je de grenzen oprekt, discipline verwaarloost en veel vrijheden toestaat, dan ontstaat er een balorige vrijbuitersfeer.

Wat te doen?

Nu kom ik op ‘wij en zij’; een interne campagne! Clubgevoel creëren, met z’n allen rug aan rug strijden tegen die arrogante  verzekeringsreuzen in Amsterdam en den Haag. Alle neuzen dezelfde kant op. Dit noemden we toen een ‘motivatieprogramma’, maar zo mocht je het later niet meer noemen omdat het teveel leek op ‘manipulatieprogramma’. Samen met Henk Terlingen
– bij ouderen bekend als Apollo Henkie – die dit soort programma’s produceerde in ons bedrijf, maakte ik een spectaculair intern televisieprogramma, dwars door het hele bedrijf en… voor de medewerkers als volledige verrassing. Toen ze op kantoor kwamen bleek hun werkplek te zijn veranderd in een televisiestudio. Overal monitors en camera’s. Ronde tafelgesprekken met divisiedirecteuren, open microfoons, sprekerspodia, de ondernemingsraad in het geweer, Ruud ter Weijden, Koos Postema en andere tv-persoonlijkheden in emotionele gespreksgroepen, kortom DWDD en Pauw en Tan avant la lettre in de kantoortuinen van Centraal Beheer.

Na die dag konden we  met ‘Even Apeldoorn bellen’ van start. Iedereen wilde en kreeg telefoontraining. Hoe aardig te zijn en te blijven, ook tegen lastige klanten. Prettige dag verder. Dank u voor het bellen. Al die cliché’s waar je nu een beetje ziek van wordt (fijne dag nog), waren toen nog redelijk vernieuwend.

‘Wij tegen Zij’. Niets werkt beter dan dit, omdat wij mensen ermee worden opgevoed. Einstein zei het al:  ‘gezond verstand is de verzameling vooroordelen die we hebben vergaard tegen de tijd dat we achttien zijn’. We leven in clubjes, in groepen zoals we dat eigenlijk gewend zijn sinds we jagers/verzamelaars waren. Ons kent ons. Ons brein wordt volgestopt met overtuigingen, normen en waarden van onze ouders, politieke kleuren, religieuze dogma’s, meestal zonder dat we ons dit realiseren. Propaganda, reclame, natuurlijk. Maar de ware manipulatie grijpt dieper in, dan gaat het om overtuigingen die stoelen op nationalisme en religie. Er zijn bijvoorbeeld maar weinigen die door intellectuele argumenten tot hun geloofsovertuiging komen. Het is de groep die het doet, de emotie van samen hetzelfde geloven en denken. De grote meerderheid van gelovigen is gelovig dankzij de opvoeding. Als je nu in Teheran wordt geboren, ben je moslim en geloof je in de waarheden van de Koran. Ouders geven niet alleen genen door, maar ook overtuigingen, waarheden, en inderdaad ja…vooroordelen. Geen mens is er vrij van. Nationalisme is misschien nog meer manipulerend dan religie, als ik ’t zo mag zeggen. Misschien ook omdat het ‘nieuwer’ is, want het vaderland is een begrip dat nog niet zo lang bestaat. Strijden, desnoods sterven voor het vaderland; een modern thema dat eigenlijk pas in de eerste wereldoorlog ontstond. Ik vond een ironische uitspraak van de Britse dichter Wilfred Owen over het destructieve van nationalisme: ‘dulce et decorum est pro patria mori’ – het is een zoete eer om voor het vaderland te sterven. Wat hij overigens ook deed vlak voor de wapenstilstand. In Europa en Noord en Zuid Amerika  zijn staten nog jong. In de 19e eeuw kon je nog geen supporter zijn van het Italiaanse, Duitse of Argentijnse elftal. We hadden vorstendommen, keizerrijken en koninkrijken en andere rijken, machthebbers die de baas waren over hun onderdanen. Hiervan is hier en daar nog iets blijven hangen in royalisme en monarchisme, maar deze groepsculturen zijn minder sterk dan nationalisme en religie. Behalve misschien op ‘koningsdag’.

Hoe komt het dat nationalisme zo ingrijpend is geworden in de wereld? Door de scholing lijkt mij. Tegelijk met het ontstaan van naties, werd schoolgaan normaal en later verplicht. Door het onderwijs leerden kinderen dat ze ergens bij hoorden, een denkbeeldige gemeenschap met nationalistische ideologie, een nationale taal en een bijbehorend volkslied. Zo leerden eind negentiende eeuw ( bijvoorbeeld) de Friese kinderen Nederlands spreken. Landen als Japan, maar ook Engeland en vooral de Verenigde Staten zijn heel sterk in deze ‘motivatieprogramma’s’ op school. Het schooluniform is symbolisch. In de V.S. moeten de kids ’s ochtends in koor een belofte van trouw afleggen en in de houding staan voor de vlag met de stars-and-stripes. Deze z.g. ‘Pledge of Allegiance’ is een uitvinding van een zekere Francis Bellamy (in 1892), die  meende dat dit zou aanzetten tot trots en trouw aan de republiek. Pure manipulatie dus. Met name de instroom van miljoenen immigranten, de angst voor het communisme en de vernedering van Pearl Harbour hielpen deze motiverende vlagverering aan populariteit. Geen land waar je zoveel nationale vlaggen en vlaggetjes ziet als Amerika. Vandaar dat Amerikahaters bij voorkeur de vlag verbranden, want dat doet echt pijn.

Via een reclamecampagne blijk ik dus uit te komen op een wereldprobleem. Wij tegen zij. Geen mens is vrij. We zitten allemaal in een schuitje en sommigen slaan om en verdrinken. Oorlog en vrede, Tolstoj probeerde in zijn latere leven – nadat hij zijn hedonistische jeugdgedrag van zich wierp – het groepsdenken te doorbreken en als graaf op te trekken met landarbeiders. Maar het lukt zelfs grote schrijvers en filmers niet om ons te bevrijden uit onze bevooroordeelde breinen. Het blijft Wij tegen Zij. Want Zij worden nooit Wij.

 

Gepost in Column Oerlemans, Home | Getagged , , , | Plaats een reactie

Recensies en gesignaleerd in de Volkskrant: ‘De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen’, Ulises Segura

«Bijzonder goed geschreven verhalen.» – André Oyen, Ansiel, 7-6-2016

De kleurrijke verhalen van Ulises Segura hebben stuk voor stuk een universeel karakter en situeren zich in verschillende uithoeken van de aardbol en evenzeer in fictieve plaatsen. Van de duinen van Oostende, naamloze dorpen in Noord-Afrika, Londense parken en appartementen, een woestijnversie van Andalusië en de cabine van de eerste bemande Marsraket. Zijn personages dwalen allen in een wereld die hen kwetst, maar die hen ook immuun maakt voor harde en soms zelfs genadeloze klappen. Ondanks hun confrontaties met de eindigheid der dingen raken ze hun levenslust niet kwijt, want ze hebben jeugdherinneringen in hun hoofd, en oude vrienden, films, onsterfelijke liedjes, voorgoed opbloeiende liefdes en ze putten troost uit herinneringen en visioenen. Deze verhalenbundel is een veelkleurig snoer van bijzonder goed geschreven verhalen.
Lees hier de recensie.

 

«Wie zo vaak een lezer op het puntje van zijn stoel krijgt, is met recht een grote belofte.» – Ezra de Haan

Over ‘De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen’ van Ulises Segura op Literatuurplein, Uitgeverij in de Knipscheer, 6 juni 2016:
‘De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen’ is het debuut van Ulises Segura (1973), het pseudoniem waarvoor een in Aalst geboren jurist en verhalenverteller koos. Zijn ouders hebben Franse en Spaanse roots en wellicht is dat mede de reden dat zijn proza allesbehalve Vlaams overkomt. (…) De wereld die Segura je in zijn korte verhalen voorschotelt is uniek. (…) Zo merkt iemand dat ze, wanneer ze honger heeft of weinig heeft geslapen, makkelijker verdwijnt. Op zich al bijzonder genoeg zou je zo denken. Maar Segura kan het niet laten om ook nog eens te beschrijven wat de gevolgen daarvan zijn. (…) Knap aan Segura’s schrijven is dat je het accepteert. (…) Het verhaal ‘Winter van ongenoegen’ sprak mij het meest aan. (…) In dit verhaal struikel je over mooie zinnen en passages. (…) Kwalitatief is dit verhaal vergelijkbaar met de roman Lord of the Flies (Heer van de vliegen) van Golding. Zelden zie je kindertaal- en gedachten zo goed weergegeven. (…) Ulises Segura weet wat spannend schrijven is.
Lees hier de recensie.

 

«Armando probeert er de moed in te houden.»

In de Volkskrant van 28 mei 2016:
De gescheiden Armando die ook zijn baan kwijt is, rijdt met de 16-jarige Naomi in een gestolen Saab in enkele dagen naar Cadis en dan wellicht Marokko. ‘Laten we niet somber zijn,’ probeert Armando er de moed in te houden, maar de tekenen zijn zo ongunstig, in het verhaal ‘De eindeloze zomer’ van debutant Ulises Sigura opgenomen in ‘De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen’. Achter de exotische schrijversnaam zit een Vlaamse jurist met als geboortejaar 1973.

BoekUlisesSegura

Gepost in Extaze-reeks, Home | Getagged , , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Mohammed Ali, door Manuel Kneepkens

Het gelaat hard als een helm
over het zwart van zijn angst
verraden hem de littekens van z’n ogen

een met huid omklede man van protest
toch is er geen keus dan deze, de Geschondene

halfnaakt
in de glans van z’n zweet

In al z’n shuffles van gespierde taal
als eens Jezus de Timmerman

in de voorhof van de tempel
van Amerika

met z’n linkse directe! Pats! Boem!
op de Andere Wang…

(O, dat Knock-Out-
woord
diep in ons:

P o ë z i e .. .)

O, Cassius Clay!

O, Bokser, Mensenzoon van de VS!

Gepost in Home, Poëzie | Plaats een reactie

Het winnende verhaal is… ‘Dennenorchis’ van Else de Jonge

Literatuurprogramma WOORD in Het Nutshuis in Den Haag op 28 mei 2016

Uit de vele inzendingen voor het open podium werden twee verhalen van veelbelovende schrijvers geselecteerd. De 22-jarige Ezra Hakze, die in het eerste jaar zit van de Schrijversvakschool en Nederlands studeert in Amsterdam, droeg haar verhaal ‘Wekker’ voor. Doeke Fennema, die als dichter veelvuldig van zich liet horen in het circuit van de Poetry Slams en op dit moment studeert aan de Schrijversvakschool, besteeg het podium met zijn verhaal ‘IJzeren oogst’. Samen met de zes deelnemers aan de speeddates maakten Ezra en Doeke kans op een publicatie in het literaire tijdschrift Extaze. Tegen het einde van het programma maakte tijdschriftmedewerker Mischa van den Brandhof de winnaar bekend.
Hieronder het juryrapport uitgesproken op 28 mei 2016 j.l.:

De inzendingen voor WOORD zijn rijkgeschakeerde verhalen, die ons meevoerden van Texel tot aan Vlaanderen, van het fietsenhok naar het pleintje om de hoek, van een niet-uitgekomen kinderwens tot de ontreddering van ouderdom, van je verschuilen in een berenpak tot gewoon naar huis willen.

Voor ik de winnaar bekend maak, een bemoedigend woord aan de schrijvers. Wat zijn jullie dapper dat je mee gedaan hebt! En ga door! In de woorden van Virgina Woolf: So long as you write what you wish to write, that is all that matters; and whether it matters for ages or only for hours, nobody can say*.

Fictie, in tegenstelling tot non-fictie, is niet feitelijk waar. Toch moet een verhaal echt zijn, authentiek zijn. Een goed verhaal is niet ‘verzonnen’, maar kenmerkt zich door een eenheid, realiteit, en waarheid in de beschrijvingen. Het heeft diepere emotionele lagen, waarop de lezer meevribreert.

Het winnende verhaal is… Dennenorchis van Else de Jonge. Het is een helder geschreven verhaal over een zachte, tedere jongen in een harde wereld. Onder het simpele taalgebruik gaat een rijke belevingswereld schuil, die gedeeltelijk in het verscholene blijft. Het heeft ritme. Het stille verdriet ervan ontroert.

Dennenorchis zal gepubliceerd worden in een van de volgende nummers van Extaze, uitgegeven door Uitgeverij In de Knipscheer. Gefeliciteerd, Else!

Mischa van den Brandhof

* A room of One’s Own,1929

 

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Extaze-reeks 1 gelanceerd

Op zaterdag 21 mei is het prozadebuut De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen (Uitgeverij In de Knipscheer) van de Vlaming Ulises Segura in de mooie Boekhandel Douwes Den Haag gepresenteerd. Onder de bezoekers een afgevaardigde van de Belgische Ambassade. Hieronder een impressie. Foto’s: Anneke Ruys.

 

Gepost in Extaze-reeks, Home | Getagged , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Extaze start Extaze-reeks

Op zaterdag 21 mei a.s. zal in de Haagse boekhandel Douwes
een bijzonder debuut ten doop worden gehouden:

De mooie mond van Bobby Cespedes en andere verhalen
van Ulises Segura

tevens de eerste uitgave in de Extaze-reeks,
een serie debuten van talentvolle auteurs die eerder in
het literaire tijdschrift publiceerden.
Aanvang: 15.30 uur.

Cover Ulises Segura

In het kleurrijke proza van Ulises Segura (Aalst 1973) is de wereld
geen barmhartige omgeving, maar een chaotisch en vaak dreigend niemandsland,
waarin je zonder metgezel algauw verloren raakt of je moet voldoende troost
uit je herinneringen en je visoenen kunnen putten. De weemoedige ontheemden
in de zes verhalen van Segura zijn er meesters in. Op een ingetogen manier
leidt hij de lezer binnen in een fascinerende, soms bijna magisch-realistische werkelijkheid, waarvan het decor afwisselend gevormd wordt door de duinen
van Oostende, naamloze dorpen in Noord-Afrika, Londense parken en
appartementen, een woestijnversie van Andalusië en de cabine
van de eerste bemande Marsraket.Extaze-reeksProgramma 21 mei:
Introductie Extaze-reeks nr. 1
Interview met de auteur en een korte voordracht
Overhandiging eerste exemplaar
Muziekfragmenten uitgezocht door Ulises Segura

Boekhandel Douwes, Herengracht 60
https://goo.gl/maps/ucApvW259wB2

logo Extaze-reeks

IN DE KNIPSCHEER

Gepost in Extaze-reeks, Home | Getagged , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Duivelskunstenaar en de seksuele context, door Christian oerlemans

Zelfs na de autopsie is nog niet duidelijk waarom Prince die noodlanding heeft gemaakt.Sinds de jaren tachtig heb ik niet zoveel gezien en gehoord over Prince. Uiteraard weer gekeken, naar zijn films, zijn shows. Show is eigenlijk een te gering woord voor de manifestaties van deze tengere kleine man met het grote muzikale talent, een duivelskunstenaar die zich omringde met meiden die het vrouwzijn konden overstijgen Verder zeg ik er niets over, nou ja, toch een paar dingetjes. Afgezien van zijn handige verlegenheid in interviews en de onschuldige uitdrukking in zijn Bambi-ogen, heb ik toch twee piekerpunten: Ten eerste dat een dagblad dat ik zelf niet lees, blijkbaar meteen de oorzaak weet (drugs!!). Ten tweede dat er hier en daar terloops melding van wordt gemaakt dat Prince lid was van de Zevende-dags Adventisten (geen drugs!!).
Intrigerend. His Royal Badness maakte duivelse shows, beladen met ongegeneerde erotiek. Vraag ik mij af hoe dit te rijmen valt met zijn religie. Ik citeer een paar zinsneden uit de 28 geloofspunten: “voldoende lichaamsbeweging (haha zelden iemand gezien die zó kon bewegen), gezond eten, geen onrein voedsel, en omdat alcoholische dranken, tabak en het onverantwoordelijk gebruik van medicijnen en verdovende middelen schadelijk zijn voor het lichaam, behoren wij ons daarvan te onthouden.”
Let op het woord ‘onverantwoordelijk’.
Voorts: “ontspanning en vrijetijdsbesteding moeten voldoen aan de hoogste normen van christelijke smaak en schoonheid. In culturele verscheidenheid hoort onze kleding eenvoudig, bescheiden en netjes te zijn, zoals het past bij mensen van wie schoonheid niet bestaat uit uiterlijke versierselen, maar uit een zachtaardige en stille geest die niet kan vergaan.”
Onhandige regels lijkt mij, voor deze performer die leek te zijn opgebouwd uit versierselen. Vraag is, heeft Prince ons een spiegel willen voorhouden? Een confrontatie wellicht? Ik lees dat hij niet alleen lid was van de Zevende-dags Adventisten, maar deze leer ook uitdroeg en verkondigde. Over zoiets kan ik echt even piekeren. Misschien was hij op aarde gezonden om ons te waarschuwen, was hij een van de rechtvaardige zielen die straks, voor de eerste wederopstanding, als een engel zal verschijnen aan de vooravond van het duizendjarige rijk, zingend
“Black day, stormy night, no love, no hope in sight, don’t cry, he is coming, don’t die without knowing the cross”. Uit Sign  the Times.
Je kunt het niet over Prince hebben zonder aan vrouwen te denken. Zelden een mooiere drummer gezien: de famous Sheila E (Escovedo), de drumgodin. Niet alleen drummen kan ze, maar ook dansen en zingen en haar lijf gebruiken. Terwijl ik dit schrijf heb ik haar op ‘YouTube’ en het valt niet mee om mijn aandacht erbij te houden, want de combinatie van vrouwelijkheid en zoveel heftigheid op de percussion die tot heden – in mijn beleving – aan mannen was voorbehouden, zet mij voor ik het weet weer aan het piekeren. Wat willen vrouwen eigenlijk? Anders gezegd: hoe zíjn vrouwen eigenlijk? Of nog anders gezegd: wat denken mannen eigenlijk dat vrouwen zijn, afgezien van ook een mens. Borsten, jazeker, benen ook, billen, heupen, lippen, grote ogen, enfin de fysiek die we – sigh of the times? – dagelijks krijgen voorgeschoteld. Niet op de ouderwetse pin-up manier, maar gewoon in dagelijks gedoe. Naveltruitjes, (te) korte broekjes en erger nog rokjes, daar waar de toegemeten fysiek er vaak niet om vraagt. Waarom doen die meisjes dat? Omdat ze het zien in de videoclips, waar het leven draait om girls en boys en love en sex. Ja, Prince dus weer: LoveSex. Natuurlijk roept dit ook weerstanden op. Zoals de anti-beweging vanuit religie, waarbij mannen hun vrouwen opsluiten in huis en allesbedekkende kleding voorschrijven. Tevens ergeren feministes zich eraan; hebben we daar in de vorige eeuw zo hard voor gevochten? Er was een vrouwenfeest op het Amsterdam University College, een internationaal op bèta wetenschappen gericht ‘college’ (samenwerking van de VU en de UvA in Amsterdam). Het was een body-positivity feest waar topless kon worden feestgevierd. Alle remmingen los dus. Maar zonder mannen. Het feest was een initiatief van het feministisch comité van deze campus, waarmee blote borsten uit de seksuele context zouden worden gehaald. Uh? En Beyoncé dan? Zie haar nieuwe DVD ‘Lemonade’, hoe feministisch kun je zijn met je borsten in zicht en je lijf op volle sterkte. De moderne vrouw is toch juist stoer en sexy tegelijk? Bovendien, bloot slaat dood zei mijn moeder altijd. Tantes gaven de baby de blote borst, waartoe ze dit lichaamsdeel pontificaal uit hun bloemetjesjurk wipten. In de jaren ’70 van de vorige eeuw waren er zoveel blote borsten op de stranden dat de seksuele context geheel verloren ging. Ik bedoel maar. Wat bedoelen vrouwen eigenlijk? In de kledingmode beweegt de trend zich naar ruimvallend, bedekkend en casual, de pyamalook komt terug en zwempakken verdrijven de bikini’s. Onder invloed waarvan, of van wie? Ondertussen bewegen jonge meisjes zich navelvrij op school. Op alle scholen? Ho ho zeker niet! Op het Kandinsky College in Nijmegen zijn ze alweer op de weg terug (of vooruit) en moeten de meisjes niet alleen hun buik inclusief navel bedekken, maar ook hun blote schouders! En dit ook tijdens de gymlessen, waar zij zich soepel leren bewegen, zodat ze misschien later wel ontdekt worden als showdanseres.

naveltruitje

 

 

Gepost in Column Oerlemans | Getagged , , , | Plaats een reactie

Terugblik Extaze in de Houtrustkerk

14 april 2016, presentatie Extaze 17/18: ‘Water-Zee’
Foto’s: Eric de Vries

Gepost in Home | Plaats een reactie

René ten Bos wint Socrates Wisselbeker 2016

De Socratesbeker 2016 gaat naar René ten Bos voor zijn boek: Bureaucratie is een inktvis, (uitgeverij Boom, 2015). De Socratesbeker wordt ieder jaar uitgereikt aan de auteur van het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek dat in het voorafgaande jaar verscheen.

Donderdagavond 14 april was hij te gast bij Extaze in de Houtrustkerk, n.a.v. zijn geweldige essay: De intimiteit van water en het water van de intimiteit in de nieuwe Extaze nr. 17/18.
René ten Bos gefeliciteerd!

 

Gepost in Home | Plaats een reactie

Uitnodiging boekpresentatie Theo Monkhorst

Zondagmiddag 24 april 2016 vindt van 15.00 tot 16.30 uur in de foyer van
Theater aan het Spui de presentatie plaats van

Theo Monkhorst De blijmoedige leugenaar

De blijmoedige leugenaar speelt in Den Haag waar een heftige publieke discussie ontbrandt over de bouw van een kostbaar cultuurpaleis. De wethouder wordt vermoord en schrijft in de hemel zijn herinneringen aan deze tumultueuze periode. Tot het einde blijft de vraag wie de moord pleegde onbeantwoord: het volk of de elite?
Het eerste exemplaar zal worden uitgereikt aan wethouder Joris Wijsmuller.

Uitnodiging Blijmoedige leugenaar

 

 

 

 

 

 

 

KNIPSCHEER

______________________________________________________________

Gepost in Home | Getagged , , , , | Plaats een reactie

Nieuw (dubbel!)nummer Extaze

Extaze 17/18: ‘Water-Zee’.
Donderdagavond 14 april werd het nummer gepresenteerd tijdens
Extaze in de Houtrustkerk. Een bijzonder programma in een bijzondere entourage
met veel muziek, gedichten, voordrachten en films van: René ten Bos, Laurence Fish, Pieter van den Broeke, Frans Friederich, Ada Fesevur, Wim Noordhoek,
Miek Zwamborn en Trespassers W (Frank van den Bos, Ronnie Krepel,
Frans Friederich, Cor Gout)
.

B E S T E L L E N

coverE17-18Water-Zee

Een dubbelnummer, gedrapeerd rond Een (on)mogelijke reisgenoot,
een poème fleuve van Theo van der Wacht

ESSAYS
René ten Bos volgt Peter Trawney en François Jullien in hun visie dat het water 
zich op bijzondere wijze tot intimiteit verhoudt en dat de ervaring van intimiteit bij 
twee mensen er een van indifferentie is, dat wil zeggen dat in hun relatie de verschillen 
doorlatend (vloeiend) zijn geworden. Gedwee volgt hij hun theorieën echter niet.
Marcel Poorthuis onderzoekt de stelling van de voorsocratische denker 
Thales van Milete dat water aan alles ten grondslag ligt. De verbondenheid van de mens met de wereld vanuit een soort oerprincipe impliceert een deelname aan de geschiedenis vanuit verantwoordelijkheid.
Ad Zuiderent toont aan hoe belangrijk de rol van de zee en het strand is in het werk van Gerrit Krol, hoe ze de motor van zijn gedachten vormen, concreet en abstract.
Arie Pos maakt in zijn essay over J. Slauerhoff duidelijk dat een groot deel van diens werk onverbrekelijk verbonden is met zijn zwerflust en zijn fascinatie voor de zee.

ARCHIEF
Gedichten van Bernardo Ashetu, ingeleid door Klaas de Groot
Gedichten van J. Slauerhoff

KORTE VERHALEN
Kolja Aertgeest
Mark Baltser
Tim Dankers
Bram Esser
Hein van der Hoeven
Wim Hofman
Christien Kok
Felix Monter
Wim Noordhoek
Christian Oerlemans
Rob Verschuren

GEDICHTEN
Felix Monter
Herman Rohaert
Brigitte Spiegeler
Harry Vaandrager
Gerrit Vennema
Theo van der Wacht
Miek Zwamborn

BEELD
Ronnie Krepel

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Wim Brands (1959–2016) en de roep van de zee

Wim Brands tijdens Extaze in Pulchri

Wim Brands, 31 januari 2013, Extaze in Pulchri. Foto: Annemieke Vink

Bij iedere ontmoeting met hem was er de wederzijdse blik van herkenning. Herkenning van waar we voor stonden. En waar we een enkele keer samen aan hadden gewerkt, bij de VPRO-radio en later bij literaire ontmoetingen.

Op 15 december 2015 nodigde ik hem uit een bijdrage te leveren aan het Zee/water-nummer van Extaze. Ik wist dat ‘zee’ een van zijn thema’s was. Of meer precies: de roep van de zee.

In de haven lag een schip, met aan de reling
Een dikke man die een aria zong.

Hij luisterde naar het ongekende
En rende zielsgelukkig naar huis –

Bezocht nadien tijdens verloven
In het buitenland avond na
Avond opera’s –

Een liefhebber werd hij niet.
Avond na avond wachtte
Hij op dat lied

(uit: Wim Brands, ‘s Middags zwem ik in de Noordzee)

Waarom heb ik die roep wel in zijn gedichten gehoord en niet in het volle leven? Signalen waren er in voldoende mate geweest.

Een week na mijn verzoek voor een bijdrage aan het Zee/water-nummer, kwam zijn toezegging:

‘Ik wil graag schrijven over de zee. Over de eerste keer dat ik de zee zag, over het moment dat ik niet ver van Den Haag, tien jaar oud, door de duinen liep, en wist dat ik binnen enkele minuten dan eindelijk de zee zou zien – dat wond me op – maar wat zou ik gaan zien? Het was alsof ik van niet-zijn naar zijn ging – dit is lelijk geformuleerd, voor jou zoek ik graag de juiste woorden.’

In januari van dit jaar moest ik hem aan zijn toezegging herinneren. Hij reageerde als volgt:

‘De zee toch?’

Ja, de zee. Maar de communicatie bevreemdde mij. Meestal stuurde Wim zijn bijdragen binnen twee weken naar ons op. Altijd gretig om te publiceren, zeker over onderwerpen die hij als ‘de zijne’ beschouwde. De bijdrage is nooit gekomen.

In februari interviewde Wim Roel Bentz van den Berg voor het VPRO-tv-programma Boeken. Onderwerp van gesprek was Roel’s recent verschenen roman Het naderen van een brug, waarin zaken als dood, rouw, ordening van een afgesloten liefdesleven en de versmelting van een enkele ziel (van de overledene) met het totale zielenleven aan de orde komen. Thema’s die er in het gesprek niet lichter op werden toen Wim ze in verband bracht met (de verwerking van) de dood van Roel’s vader, de acteur Han Bentz
van den Berg.
Al kijkend en vooral luisterend, kreeg ik de indruk dat Roel steeds meer in zijn zelf geschapen en tijdens het gesprek opgeroepen dodenwereld verzonk.

Op 14 februari mailde ik Wim:

‘Je weet, ik heb veel met Roel gewerkt (VPRO). Er was iets. De rust in zijn stem is weg.’

Het antwoord kwam diezelfde dag.

‘Kende mijn stem wel rust?’

Eind maart, nadat ik had gehoord dat Wim tijdelijk was gestopt met de presentatie van Boeken, stuurde ik hem een mail om te informeren naar zijn gezondheid.
Er kwam geen antwoord.

Ook de betekenis van dit laatste, oorverdovend stille signaal ontging me.

Mijn liefde voor haar begon als een geloof.
Ze was er op een dag, daarna volgden
bedremmeld de redenen:

haar licht loensende ogen, hoe ze sprak
‘Nee, ‘s middags zwem ik in de Noordzee.’

Hoe in dat water haar armen nauwelijks
bewogen. Eenvoudig. Achteraf is alles
altijd eenvoudig.

(uit: Wim Brands, ‘s Middags zwem ik in de Noordzee)

(cg)

 

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , , , | 1 Reactie

Het immuunsysteem, door Christian Oerlemans

Het is fascinerend om avonturen te beleven in je eigen hoofd. Ik bedoel niet echt dromen, hoewel dat ook interessant is. (Laatst reed ik met twee gedroomde vrienden in een gedroomde Bentley met twéé turbo’s, het ging zo hard dat het eng was en voor die tweede extra turbo was er een lelijk zwart kastje in het mooie dashboard gemaakt. Schoonheid opgeofferd aan kracht. Dat zie je jammer genoeg ook wel eens bij sportvrouwen.)
Nee, ik bedoel in trance voor je uit staren terwijl de chaos het overneemt in je denkwereld. Ideeën en associaties buitelen over elkaar heen en als je een vast punt kiest in het oog van deze cycloon, een  probleem waarvoor je een oplossing zoekt bijvoorbeeld, of een onderwerp waarover je dagelijks struikelt, of een keuze die levensbepalend is, dan werkt dit vaak heel openbarend.
In mijn geval ging het – of gaat het – over ons immuunsysteem. Ik lees dat in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) een onderzoek loopt naar kankerbestrijding door maatwerk in immuuntherapie. Omdat ik een van die mannen ben met prostaatkanker – elk jaar ca. 10.000 nieuwe gevallen – interesseert mij dit. Het is de meest voorkomende kanker bij mannen boven de vijftig. Zoals bekend – of niet – heb ik er een boekje over geschreven getiteld ‘MANNEN, je sluipmoordenaar heet testosteron’ met een mooi voorwoord van de hoogste urologiebaas in het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis, professor Simon Horenblas. In de pers werd het omschreven als hilarisch en tegelijk bloedserieus. Je maakt wat mee in een ziekenhuis, maar dit terzijde. Boekje is trouwens te koop voor 14 euro bij de (internet)boekhandel.
De immuuntherapie dus. Het probleem is dat tumorcellen zich vermommen als gewone cellen, zodat ons immuunsysteem ze niet herkent. Worden afwijkingen wél herkend, dan formeert ons immuunsysteem meteen een enorm leger T-cellen die schoonmaken en opruimen. Waar ze in Leiden mee bezig zijn is dan ook het herkenbaar maken – door mutaties in DNA-strengen – van tumorcellen, zodat we die zelf met ons immuunsysteem opruimen.Tot zover de medische kant.
Al dagdromend brengt dit verhaal van die niet herkenbare cellen en een afwachtend of niet reagerend afweersysteem mij tot Brussel, bijvoorbeeld. Overal in de wereld ontstaan tumorcellen die we niet herkennen omdat ze bestaan uit gewone onopvallende mensen. We noemen het terreurcellen. Pas als die groot en ontwrichtend daadkrachtig worden, herkennen wij ze en wordt er geopereerd. Overigens niet altijd met succes, zeker niet in België.
Het is dus belangrijk – om de metafoor door te trekken – om die voor de gezondheid van de mensheid gevaarlijke cellen in een vroeg stadium herkenbaar te maken, zodat wij ze tijdig kunnen aanpakken. De herkenbaarheid is hier het probleem, net als bij onze tumorcellen. Pas als het gezwel zich openbaart, gaan (kunnen) we aan de slag. Te laat vaak.
Het schijnt dat er hier en daar in een vroeg stadium heus wel cellen herkend worden. Soms lopen ze gewoon op straat, in woonwijken, of ze kopen liters aceton via het internet. Geheime Diensten weten dit wel, maar ze zijn zo achterdochtig ten opzichte van elkaar, dat ze hun geheimen niet of nauwelijks delen. Het zijn natuurlijk ook maar mensen.
Na de gruwelijkheden op vliegveld Zaventem, vlogen wij een dag later van Faro naar Schiphol. Vrienden zeiden: ga maar vroeg naar de luchthaven, want het zal wel een gekkenhuis zijn, met controles overal. Maar nee hoor, op Faro alles normaal en gezellig en bij aankomst op Schiphol ook niks aan de hand. Wel in de aankomsthal enorme rijen bij de treinkaartjes automaten. De trein? Ja, Maalbeek natuurlijk. Is een treinstation gevaarlijker dan een luchthaven? Mijn God we weten het niet meer. En ondertussen is Johan Cruijff overleden. Voetbal is simpel, maar het is moeilijk om simpel te voetballen. Confuciaans als je voetbal door ‘leven’ vervangt. Jammer dat alleen Hollanders en Catalanen hem zo kennen.
Laatst had ik een verdacht plekje op mijn huid, waarvan de huidarts zei dat het wellicht een begin van een tumor kon zijn… nader onderzoek was nodig, maar het bleek alsnog goedaardig. Nog wel. Zo zijn er op de wereld overal verdachte plekjes. Eerst herkennen we ze niet, dan ontkennen we ze vaak, dan blijken ze minder goedaardig dan we dachten en uiteindelijk blijken ze dodelijk.
Mijn scheikundeleraar zei altijd dat het universum bestaat uit bollen die om elkaar heen draaien en dat je deze gedachte kunt doortrekken tot in de structuren van alles wat bestaat, ook het menselijk lichaam. Wie weet – zei hij – wat er allemaal in ons aan werelden bestaat en wie daar allemaal leven. Als jongen vond ik dit een mooie gedachte want het relativeert alles tot het uiterste. De mens, de mensheid, het universum.
Scheikunde was mijn lievelingsvak; in een laboratorium kun je de loop der dingen veranderen.

Gepost in Column Oerlemans | Getagged , , | Plaats een reactie

Beeldgedicht: ‘Zo’n fluisterwit vermoeden’, Tania Verhelst

Meer beeldgedichten van Tania Verhelst

Gepost in Poëzie | Getagged , , , , | Plaats een reactie

14 april, Extaze in de Houtrustkerk

Presentatie van het dubbelnummer, Extaze 17/18: ‘Water-Zee’

Extaze in de Houtrustkerk

Alleen tijdens de presentatie
dubbelnummer Extaze 17/18 te koop voor € 25,00

14 april, Extaze in de Houtrustkerk

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , | Plaats een reactie