Nieuw nummer Extaze : ‘Literatuur die het podium betreedt’

Donderdagavond 2 maart, was de presentatie in de Houtrustkerk in Den Haag
De nieuwe Extaze is verkrijgbaar vanaf 1 maart

E X T A Z E   B E S T E L L E N

cover Extaze 21

ESSAYS
Literatuur komt niet alleen tot ons in geschrifte. We horen literatuur op
uiteenlopende podia: waar revues of musicals worden uitgevoerd,
waar muziektheater te zien en te horen is, waar cabaretiers en podiumdichters hun zegje doen, waar zangers teksten zingen die bedoeld zijn om er goed naar te luisteren.
(Tekst)dichter Nico van Apeldoorn ontmoet zijn collega Lennaert Nijgh (1945–2002) in diens songteksten. Cabaretier Fred Florusse herkent het poëtische talent van de komiek Johan Buziau (1877–1958). Historicus Dick Brongers neemt de lezer mee naar de revue tijdens en rond de Tweede Wereldoorlog en weegt de teksten die de artiesten in die periode ten gehore brachten. Didi de Paris erkent de schatplicht van zijn (en veler) podiumdichterschap aan de Antwerpse dichter Gust Gils (1924–2002).
In zijn essay ‘Bertold Brecht en de Eerste Wereldoorlog’ vermeldt Wim Michiel
dat Brecht (1898–1956) al vroeg in zijn carrière de behoefte voelde
om zijn teksten ook op het podium te (laten) vertolken.

KORTE VERHALEN
Gert-Jan van den Bemd
Chris Ceustermans
Kristien De Wolf
Hans Depelchin
Luuk Imhann
Heidi Koren
Liedewij Vogelzang
Theo van der Wacht

GEDICHTEN
Naomi Duveen
Dorien Dijkhuis
Els de Groen
Hanz Mirck
J.V. Neylen

BEELD
Lies Van Gasse

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Drie warmmakers voor Extaze 21:

Het Spaarne stroomt, het Spaarne stroomt,
het Spaarne stroomt voorbij

Over de teksten van Bert Vissers (Bender)

Bender

Extaze 21 met als thema ‘literatuur die het podium betreedt’ staat op uitkomen.
In dit nummer verdiept schrijver en (tekst)dichter Nico van Apeldoorn zich in de songteksten van Lennaert Nijgh (1945–2002).
De laatste regel van zijn essay luidt:
‘Laat ik het toch nog maar eens zeggen: volgens mij hoort Lennaert Nijgh thuis
in het rijtje van de beste Nederlandse dichters van de twintigste eeuw.’
Van Apeldoorn gebruikt hier het woord ‘dichters’ en niet ‘tekstdichters’ omdat hij de songteksten van Nijgh tot de poëzie rekent. Liedteksten kunnen daar dus onder vallen.
Te vaak hoor je verkondigen dat er in Nederland na Nijgh (en Jaap Fischer) geen gelijkwaardige tekstschrijvers zijn opgestaan. Bij een dergelijke opvatting wordt waarschijnlijk uitgegaan van de commerciële popmuziek waarbij het ‘luisterelement’ er zelden of nooit toe doet. Wie buiten dit gebied treedt, kan nog altijd juweeltjes vinden.
Vorig jaar verraste de postbode de redactie van Extaze met een pakje, waarin zich dit keer geen roman, verhalen- of gedichtenbundel bevond, maar een cd van een groep uit, jawel, de stad waarin Lennaert Nijgh was geboren en getogen (en waar nog steeds Jaap Fischer woont): Haarlem. Een cd bestemd voor een literair tijdschrift? Ik luisterde en hoorde dat het Spaarne stroomde in de muziek en in de woorden. Bender heet de groep die deze muziek maakte, Bert Vissers heet de tekstdichter en ‘Broos’ heet de cd.
Wat zo bijzonder is aan Nijgh’s teksten horen en lezen we (in het cd-boekje) hier terug. Versregels die inhoudelijk en ritmisch in elkaar overlopen als in een rustig betoog. Ik voeg het adjectief ‘rustig’ toe omdat de emoties in de teksten niet worden opgeroepen door een opgewonden stem, maar door de woorden en woordcombinaties zelf:
‘Als je morgen wakker wordt, dan zal ik je vertellen dat wij het allemaal hebben gedroomd, omdat het heel eenvoudig niet waar kan zijn. Zie je dat niet?’ (‘Zo mooi’)
Zoek de vijf versregels: je vindt ze niet.
De emotie in het nu volgende couplet…
‘Op het water drijven koffers en iedereen lijkt bang, kom alsjeblieft dichtbij,
echt het duurt niet meer lang.’ (‘Het komt goed’)
…wordt ingehouden door de toon van de ‘toespreker’, die misschien niet gerust kan stellen, maar op zijn best de angst kan bezweren.
Een nummer dat ik wel tien keer achter elkaar heb laten rondgaan in
mijn cd-speler heet ‘Tante’.
Het gaat over een bezoek aan een oude tante die het allemaal niet zo precies meer weet en converserend met haar bezoek (haar neef) vervalt in herhalingen, die de tekst zonder nadere uitleg betekenis geven en de ruimte binnen de vertelling klein houden.
‘Wat fijn dat je langskomt, dat je even bij je oude tante langskomt, ik had het niet verwacht. Hoe laat is het nu? De klok staat stil, de wijzers wijzen aldoor dezelfde tijd maar aan. Was het druk op de weg? Kon je weg van je werk? De buurvrouw boven is gisteren gecremeerd. Wat fijn dat je langskomt, had ik dat al gezegd? Wil je een koekje? De trommel zit nog vol. Hoe is het nu thuis, hoe gaat het met je vrouw en gaan je kinderen nog naar dezelfde school? Die kaart is van je nicht, ze schrijft me elke week en denk maar niet dat zij dat ooit vergeet. Die honderd jaar waren zo voorbij, zoveel sneller dan de dag van vandaag nu. Weet jij hoe laat het is? Alle mensen die ik ken die zijn al jaren dood, maar lieve God, wat is het buiten prachtig weer. Hoe is het met je vrouw en hoe gaat het met je nicht? Had jij nu eigenlijk kinderen? Ik ben bang dat mijn moeder
mij straks niet meer herkent.’
Mooi door het geluid van de opname (Mattie Poels), de perfect acterende stem (Bert Vissers), het rustige arrangement met gitaar (Bert Vissers, Tom Bak) en de na twee coupletten inkomende piano (Mattie Poels).
Ja natuurlijk, het is er nog.
(www.bendermuziek.nl)

De presentatie van het nieuwe nummer is op 2 maart,
Extaze 21 is verkrijgbaar vanaf 1 maart.

(cg)

 

II

 Theo van der Wacht

Waarheen

Geïnspireerd door het thema van Extaze 21 schreef Theo van der Wacht het stuk ‘Waarheen’, een zwarte komedie, waarvan een fragment in Extaze 21 werd opgenomen.

Lees hier: ‘Waarheen’

 

III

Kristien De Wolf, Geen Cava

In Extaze 21 en 22 zullen korte verhalen van Kristien De Wolf worden geplaatst.
Hier alvast een voorproefje van haar bijzondere stijl: ‘Geen Cava’

Lees hier: ‘Geen Cava’

 

Gepost in Home | Getagged , , , , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Onthulling cover Extaze 21

 

Film cover Extaze 21 from els kort on Vimeo.

Vertoond tijdens de presentatie van Extaze 21 in de Houtrustkerk op 2 maart 2017.
Coverontwerp en film: Els Kort

Gepost in Home | Getagged , , , | Plaats een reactie

2 maart presentatie Extaze 21: ‘Literatuur die het podium betreedt’

ExtazeinHoutrustkerk21.indd

Literatuur komt niet alleen tot ons in geschrifte. We horen literatuur op uiteenlopende podia: waar revues of musicals worden uitgevoerd, waar muziektheater te zien en te horen is, waar cabaretiers en podiumdichters hun zegje doen, waar zangers teksten zingen die bedoeld zijn om er goed naar te luisteren. Dick Brongers en Cor Gout spreken met elkaar over de revue in de Tweede Wereldoorlog, onderbroken door tekstschrijver-pianist Hans Steijger die ‘goede’ en ‘foute’ liedjes uit die tijd ten gehore brengt. De politiek geëngageerde schrijver/teksdichter Nico van Apeldoorn draagt voor de pauze, begeleid door gitarist Dolf Planteijdt, voor uit eigen werk en verstaat zich na de pauze met het werk van de in 2002 overleden tekstdichter Lennaert Nijgh. Naomi Duveen leest gedichten voor die zijn gebaseerd op haar (te) vroeg afgebroken danscarrière. Beelden van de clown Buziau (1877–1958) worden van begeleidende tekst voorzien door cabaretier Fred Florusse, bekend van Don Quichocking. De zaal van de Houtrustkerk zal zijn opgesierd met panelen van de expositie ‘Variété aan Zee’, de geschiedenis van het variété in Den Haag in beeld, die eerder in het Atrium te bezichtigen was. Cor Gout (presentatie) en
Hans Steijger (met een toegift) sluiten de avond af.

Locatie: Houtrustkerk, Beeklaan 535, Den Haag (hoek Houtrustweg).
Parkeren kan gratis op het erf van de internationale school aan de overzijde.
Aanvang: 20.15 uur precies. Deur open van 19.45 uur tot 20.10 uur,
dus graag op tijd aanwezig zijn.
Entree: € 10,00 (alleen contant te betalen).
Reserveren: redactie@extaze.nl
Presentatie: Cor Gout
Licht en geluid: Harold Verra / Bigfatzo Productions

Gepost in Home | Plaats een reactie

Het wordt tijd dat vrouwen opstaan, door Christian Oerlemans

Wie mij kent weet dat ik de vrouw bijzonder vind. Niet zozeer als moederfiguur of geliefde of lust voor ’t oog, nee als fenomeen. Ik denk dat de vrouw de wereld kan redden. Het wordt dus hoog tijd dat vrouwen elke vorm van onderdrukking rigoureus van zich afschudden en de leiding in handen nemen. Let wel, en dan niet op de mannelijke manier, dus niet als surrogaatman in een broekpak, maar met de volle ontplooiing van intrinsieke vrouwelijke eigenschappen. Dit hoef ik niet verder uit te leggen, nietwaar?

Natuurlijk is er al veel bereikt vergeleken met de middeleeuwen of nog eerder. Maar aan de andere kant zijn vrouwen-studentenverenigingen pas samengegaan met de mannelijke corpora in de jaren zeventig van de vorige eeuw. En moest mijn schoonmoeder nog bidden terwijl zij bij de nonnen, gekleed in haar hemdje, haar onderbuikje waste. Hoe ongaarne je het ook toegeeft, in de geschiedenis van de mensheid zijn de vrouwen de pineut. “Laten uw vrouwen in de gemeenten zwijgen. Het is hun immers niet toegestaan te spreken, maar bevolen onderdanig te zijn, zoals ook de wet zegt. En als zij iets willen leren, laten zij dat dan thuis aan hun eigen man vragen. Het is immers schandelijk voor vrouwen om in de gemeente te spreken.”

Ik haal voor de discussie maar even een stukje uit de bijbel aan. Maar er zijn heilige boeken die nog explicieter de vrouw de grond in boren. Wie echt wil schrikken verwijs ik naar de website ‘waaromislam.nl’. Daar is bijvoorbeeld een vrouw te zien (niét te zien dat zij vrouw is) die in een video uitlegt hoe mooi het is om moslima te zijn. Genoeg hierover, waar ik naar toe wil is dat sinds mensenheugenis de man de baas is en dat dit geautoriseerd wordt door Goden te creëren die ook man en dus de baas zijn. Met uitzondering wellicht van de zonnegodin Amaterasu, maar haar nakomelingen waren de goddelijke Japanse keizers, dus toch weer mannen aan de leiding.

De eerste mens op aarde was Adam, een man dus. Of vanuit een andere visie: Gayomard. Volgens de leer van Zarathustra (Zoroastrisme, nu voornamelijk de godsdienst van de Parsi’s in India) schiep Ahura Mazda, de god van het goede, de wereld en alle wezens. Als zesde taak schiep hij Gayomard. Daarna gaf Ahriman, de god van het kwade (ofwel de duivel) de mens ziekte en een beperkt bestaan.

Alles begon dus met één man. Wij weten dat Adam geboetseerd werd uit aards stof en dat later Eva – terwijl hij sliep – geboetseerd werd uit zijn rib. Dat maakt natuurlijk de vrouw meteen al onderdanig aan de man. In de drie belangrijke godsdiensten, Christendom, Islam en Jodendom, is dit beginverhaal hetzelfde. Later als vrouwen een rol gaan spelen wordt het gecompliceerd. Begint al bij JHWH die twee vrouwen had, Ohola en Oholiba. En met Eva natuurlijk die voor de zondeval zorgde, uit het paradijs. Alle aardse ellende de schuld van de vrouw. Als een vrouw belangrijk werd geacht, was het omdat zij nageslacht baarde. Denk aan Sara, die op oude leeftijd nog met behulp van God Isaak (Jitschak, Ishaq) ter wereld moest brengen om het voortbestaan van hun volk te waarborgen. En dan moeder Maria natuurlijk, die zonder seks een kind ter wereld bracht, een jongen natuurlijk. De meest geëmancipeerde vrouw in de oudheid was wellicht Kadija. Zij was een rijke goed opgeleide vrouw van hoogstaande familie, met een eigen handelsonderneming. Op haar veertigste trouwde zij met Mohammed die toen 25 was. Zij zorgde voor hem als een moeder, met name omdat hij zoekende was en zich vaak terugtrok in een grot, waar hij uiteindelijk het visioen kreeg en de boodschapper werd van God. Kadija was zijn eerste bekeerling en zij sprak de gedenkwaardige woorden: ‘er is geen andere God dan Allah en Mohammed is zijn profeet’.

Alle profeten zijn mannen. Met mannen er omheen, Jezus met zijn discipelen, Mohammed met zijn volgelingen, Elia met zijn profetenzonen, de paus met zijn kardinalen, kortom, predikers, priesters, pastoors, paters en profeten, voor vrouwen begint veel pijn met de p van Papa, een woord overigens dat volgens Franse onderzoekers meer dan 50.000 jaar oud is. En Mama dan? Daar kom ik zo op terug.

Terwijl al dit soort gedachten en meer door mijn hoofd spoken tijdens slapeloze nachten, lees ik dat de Salafisten oprukken en dat er studenten worden opgeleid op de universiteit van Medina om fundamentalistisch Imam te worden. Universiteit. Hierin zit het begrip universeel, alsook universum. Dan zie je ruimte, gemeenschappelijkheid, breedheid, maar in Medina leert de Universiteit engte en benauwing. Hier worden Imams geheel gratis opgeleid om overal ter wereld het enig ware geloof te prediken – desnoods met geweld – gesponsord door Saoudie Arabië. Terug naar de 7e eeuw is hun devies. Docenten, zoals professor Abdullah al-Adani vinden dat vrouwen niet moeten zeuren als ze geslagen worden en als hun man meerdere vrouwen heeft moeten ze ook niet zeuren, want God heeft polygamie voor de man toegestaan (tot 4 vrouwen). Docent Abdurahman Muhiddin zegt dat de plek van de vrouw thuis is en dat zij alleen naar buiten mag als het strikt noodzakelijk is en dat zij zich dan ‘schaamtevol’ dient te gedragen.

Alsjeblieft mevrouw denk nu niet dat religie de enige boosdoener is. Misschien wel de aanstichter. Omdat mannen in alle religies de hoofdrol spelen. Dominantie door mannen overal ter wereld. In films en games worden mannelijk geweld en intimidatie voorgesteld als aanvaardbaar gedrag. In veel culturen worden vrouwen gezien als minderwaardige wezens. In hindoefamilies bijvoorbeeld ligt de vrouw aan de voeten van haar man. Onze feministische golf van de jaren zeventig is gebroken door een glazen plafond. De actuele situatie is dat meisjes in het zwembad het advies krijgen om zich degelijk te kleden.

Oude beschavingen kennen vaak de Moedergodin. Zoals Ishtar in Mesopotamië, Bastet in Egypte of onze eigen Germaanse Freya. En als we nog verder teruggaan, zou je kunnen zeggen dat er een belangrijke omwenteling plaats vond toen de mens zich vestigde als boer. In de mythologie van het Mesolithicum, ruim 10.000 jaar voor Christus is Mama (Mami, Mamu) de Schepster van al wat bestaat. Mama was de baas. De Goddess Movement gelooft dat de mensheid oorspronkelijk leefde in een vredelievend matriarchaat met een Moedergodin. Pas in de bronstijd werd dit verdrongen door een androcentrische cultuur met een mannelijke god. Bij androcentrisme is het mannelijke de norm en het vrouwelijke hiervan afwijkend en ondergeschikt. Het is de oervorm van seksisme. Interessant om een parallel te vinden in het boedhisme. Ook daar zie je in de oudheid die omwenteling. Noem het de strijd tussen weten en voelen, tussen hoofd en hart als zetel van Wijsheid. Strijd en expansiedrang passen niet bij een vredelievend matriarchaat. Zo werd ook boedhisme mannelijk, hoewel Tara, de moeder van alle boedha’s, hoop blijft geven. Haar naam betekent “zij die bevrijdt”.

Omdat voor volledige gelijkheid en evenwichtigheid, voor het redden van onze wereld zowel het vrouwelijke als het mannelijke nodig is, roep ik de vrouw op om op te staan. Niet zoals Margareth Thatcher die oorlog maakte en bereid was haar eigen zoon te offeren, ook niet als Hillary of Theresa of Marine, maar als Tara, zij die in alle culturen de vrouwen die als minderwaardig worden beschouwd wil helpen om mannen te tonen dat vrouwelijkheid niet minderwaardig is, maar dat integendeel vrouwelijke energie tot Verlichting leidt.

 

Gepost in Column Oerlemans | Getagged , | Plaats een reactie

Recensie: Peter WJ Brouwer, Brief aan wie niet bestaat

Lees hier de recensie.

VoorplatBriefNietBestaat-75-245x300

Gepost in Geen categorie, Home | Plaats een reactie

Nieuwe recensies!

Lees hier de laatst verschenen recensie:

Ferdinand en Johanna

declineandfall

Gepost in Geen categorie | Plaats een reactie

Diner avec Dalì, Manuel Kneepkens

venusSalvador Dali Venus de Milo with Drawers’ 1916

Diner avec Dalì

Salvador Dalì
wil een monsterlijke kreeft aanbrengen
op mijn rechterschoen.

Laat dat, oude meester, laat dat!

Jij bent immers dood !

Waarom dan nog zo dienstbaar
aan Aphrodite_ ooit toch veranderd
(door jou!)
in een wuft ladenkastje

alsook
aan Mediterrane waanlandschappen
vol gesmolten horloges

alsook aan (gedroomde) giraffen
galopperend, in doodsangst
met brandende manen

tot ver voorbij Guernica …?

Om je haatliefde tot Pablo Picasso?

Laat dat, oude meester, laat dat!

Waarom toch nog almaar parfumflessen
in lipvorm gegoten
voor het Modehuis Schiaparelli?

          Tegen ethische depressie, geleiachtige imbeciliteit
diamanten nierstenen, omnipotentie
frigiditeit

dineer avec Dalì!

Waarom niet? Jij bent immers dood!

lobsterSalvador Dali ‘Lobster telephone’

Dali flaconThe Dalí Flacon

Gepost in Poëzie | Getagged , , , , | Plaats een reactie

Sommige Portugezen worden nooit rijk, door Christian Oerlemans

Eurogroepvoorzitter Jeroen Dijsselbloem zei terecht, in de Frankfurter Algemeine, dat je niet al je geld aan drank en vrouwen kunt uitgeven om daarna om bijstand te vragen. Minister President António Costa van Portugal werd boos en eiste zijn aftreden. Hij noemt Dijsselbloem racist, xenophoob en seksist. Het schijnt een trend te worden dat regeringsleiders dit soort termen bezigen om tegenstanders te diskwalificeren. Ben bang dat de socialist Costa, die niet alleen Premier is, maar tevens Secretaris Generaal van de Partido Socialista, uit zijn slof schoot vanwege akkefietjes met partijgenoot José Sócrates, voormalig MP en SG van deze partij.

Sócrates zit in voorlopige hechtenis vanwege corruptie, witwassen en belastingfraude. Ik wil hier niet te diep op ingaan – dit is geen politieke column – maar Sócrates leek in zijn gedrag erg op de nieuwe rijken die uitbundig laten zien hoeveel geld ze te besteden hebben. Zijn royalistische levensstijl wekte argwaan op. Hij had bijvoorbeeld een flat in Parijs van 3 miljoen en schoof 20 miljoen naar zijn UBSrekening in Zwitserland. Zelfs de horlogemaker die zojuis gratis mijn horlogebandje repareerde, zag wel dat deze Premiersocialist dit niet allemaal kon doen van zijn salaris.

Hoe reageren de gewone Portugezen op de stortvloed van corruptie-schandalen die over hen wordt uitgestort? Ze kijken je aan en verwijzen naar onze lieve Heer. Inwendig zie je hen machteloos vloeken. Soms verwijzen ze naar bandidos. Uit protest rijden ze niet over de tolweg A22 die de Spaanse grens verbindt met wat vroeger het einde van de wereld was: Cabo São Vicente. Hier had Hendrik de Zeevaarder ofwel Dom Henrique o Navegador (1394‑1460) zijn zeevaartschool om ervoor te zorgen dat Portugezen de wereld ontdekten. Dom Henrique wordt gezien als de Koning die Portugal op de wereldkaart heeft gezet. Zoals ik in een eerdere column schreef zijn de Portugezen een ‘poëtisch volk’, met veel dichters, waaronder Fernando Pessoa als beroemdste. Hij schreef het heldendicht “O Infante” (‘God wil dat de mens dromen heeft, zo wordt een taak geboren, om van de aarde een geheel te maken, zonder scheiding door de zeeën, jij hebt overwonnen, ontdekking uit het schuim’) prachtig gezongen door de beroemde Dulce Pontes (https://youtu.be/V5hg13UxI7c).

De tolweg A22, vernoemd naar Dom Henrique (Via do Infante), werd aangelegd met Europees geld en de belofte van de overheid dat het geen tolweg zou worden. Daarom rijden de Portugezen nog altijd over de oude versleten N125, ofwel de ‘dodenweg’, die parallel langs de kust loopt.

Portugezen, het is een apart volk. Ze zijn beleefd en lijken vaak voegzaam, maar in stilte zijn ze verdomde eigenzinnig en bovendien inventief. Komt er subsidie (Europa) beschikbaar op land- en tuinbouw? Ineens zie overal nieuwe plantages en enorme plastic kassen voor aardbeien en frambozen. Wie een lapje grond heeft, start een tuinderij. Ik lees dat het probleem van het wat afwijkende Portugese karakter schuilt in beperkte historische kennis (schijnt ook de Grieken parten te spelen). Op school wordt nog veel onderwezen over de tijd van Dom Henrique. Portugezen hebben de wereld ontdekt en veroverd. Zij waren de Meesters, de Heersers. Als je dit op school leert, is het natuurlijk moeilijk te verkroppen dat je onderaan Europa bungelt. Vandaar natuurlijk ook de beledigde uitval van António Costa. En de woedende mediatirades van de hooggeëerde Socialist en regeringsleider José Soares (een paar keer premier en president) om de hechtenis van zijn vriend Sócrates die hij vaak bezocht, in de gevangenis.

Soares was een van de oprichters van de Partido Socialista in 1973, in het Duitse Bad Münstereifel. Hij overleed in januari 2017.

Sommige Portugezen worden nooit rijk, schrijf ik boven dit stukje. Dat slaat op de gewone Portugezen waarmee ik dagelijks te maken heb. Mijn achterlicht doet het niet, ik rijd naar een garage, nieuw lampje erin, wat kost het? Nee nee, geen geld. De eerder genoemde horlogemaker, tevens opticien, zit in een armoedig straatje in ons dorp. Heeft twee winkels waarin ik zelden klanten zie. Er was zo’n ringbandje van mijn horlogeband gebroken. Erg onhandig. Geen enkele normale horlogerie verkoopt jou zo’n ringetje van leer, nee er moet een nieuw bandje komen meneer. Toch ging ik even bij Hasdrubal* langs. Zijn vrouw die de winkels bestiert zag het niet zitten, maar net toen ik weg wilde gaan verscheen de baas zelf vanuit zijn werkplaats. ‘Wacht even! Geef mij je horloge’. Uit een doos viste hij een bruin leren ringetje in de juiste kleur en onder zijn werklamp zag ik hem priegelen. Alsjeblieft, pronto. Mijn bandje weer bruikbaar. Ondertussen had ik stiekem een euro gereed gehouden die ik nu toonde. Sjonge wat was hij beledigd. Nee nee, geen sprake van, dit was service! Oh stamel ik: ‘desculpe, obrigado’. Sorry, bedankt. Was hij aardig? Niet echt, hij was eerder hovaardig zou je kunnen zeggen. Portugezen zijn vaak beledigd als je hen voor een hulpvaardig wissewasje geld aanbiedt. Dit geldt overigens niet in de ghetto’s waar de rijke pensionado’s huizen zoals Quinta do Lago of de jachthaven van Vilamoura. Nabij Quinta shopping, waar een espressootje 2,50 kost inplaats van de normale 60 cent, zie je op het asfalt de grootste terreinwagens. En zeker de duurste. Langs de havenkade in Vilamoura (vertaald: Morendorp) staan bij de restaurants Porsches en Hummers. Die restaurateurs wonen misschien in een schuur, maar tonen graag welvaart. De grootste is natuurlijk Luis Figo (Lodewijk Vijg) met zijn sportcafé annex discobar “7”, maar hij heeft zijn geld niet verdiend met de bierverkoop, maar met voetballen, op rechts, in Spanje.

De nieuwe rijken in hun grote auto’s herleven wellicht de grootheid die hen op school tijdens de geschiedenislessen is voorgehouden. De echte rijken, die van geest en zelfrespect, rijden in kleine auto’s en eten in restaurants waar de prima lunch 7 euro kost. Heerlijke mensen en volledig betrouwbaar.

*Hasdrubal was de jongere broer van Hannibal, ook een populaire naam hier.

restaurateur

Deze restaurateur wordt niet rijk, hij serveert een rijke lunch voor 7 euro.

 

 

 

Gepost in Column Oerlemans | Getagged , , | Plaats een reactie

Cor Gout en Dick Brongers te gast bij Den Haag FM

Zondag 19 maart om 11 uur, waren Cor Gout en Dick Brongers te gast bij Den Haag FM i.v.m. het nieuwste nummer van Extaze: ‘Literatuur die het podium betreedt’.
Hier kun je het programma terugluisteren.

Gepost in Home | Plaats een reactie

Er nooit dichter vandaan, Theo van der Wacht: Gebeeldbraakt

Gebeeldbraakt

Op een ongemakkelijke plaats verzeild
geraakt, grensvlak van beeld en spraak.

Waar deze locatie mee correspondeert
of naar verwijst.- Een verholen zin? Een
code die moet worden gekraakt?- Klank?
Geur? Pijn? De godsonmogelijkheid van?

Wat blijft is de hoop die nooit opgeeft,
een kompaan die de eindeloze afstand
te lijf gaat, al inpratend op het graniet,
waaraan elk zieleroersel zijn kop stoot.

 

Degas op zijn Nederlands

corneliatroost

 

 

 

 

 


Cornelia Troost

Het naschilderen van een tableau op
ware grootte, en wel zo precies dat je
kijk!, al bijna geen verschil meer ziet.

Aan de wand pronkt onze ballerina van
Degas: even fragiel, even typisch Frans.
Helaas is onze voertaal het Nederlands.

Op een goede dag, het licht valt ideaal,
bekijken we haar eens opnieuw.- Ik zie
je frons, een blijk van twijfel misschien?

– Nog even fraai, brom je, maar de taal..   

                                                                                                                    

Lees meer »

Aan de kunst

Wat het ook inhoudt, waar het
ook opdaagt, wie die het weet

Onder het ontbijt raadpleeg ik
Google, worden Adam en Eva
gelinkt aan het schilderkundig
begin van de mensheid, elk toe
aan een opknapbeurt, digitaal
ingekleurd, met heilige dagen
en al.

Het rare van kunst blijft dat je er
a. van houdt
b. niets mee kunt
c. soms te veel op vertrouwt

 

pallas

 

 

 

 

 


Pallas Athene, Kurhaus Kleve

Kloof

Gisteren hoor ik haar weer
de uil rond het huis

Die ontluisterde godin
onderschat in haar marmer
de kloof

Voet die aandringt,
ogenblik die duizelt

 

Monnik aan zee

caspar david friedrich

 

 

 


Caspar David Friederich

Kijk, langzaam raakt het zichtbaar – ‘licht’
vermengt zich met het ‘donker’, contouren
komen uit de verf, een droom op zoek naar
de idee om werkelijk en onvervalst in zee
te kunnen gaan met de mens daar in habijt,
die wijst noch wenkt, maar het kaarsrecht
aan de schilder en de elementen overlaat.

 

Waterverf

Geen woorden voor. Zee even onwerkelijk
als de plastiek die hier oprijst uit het niets.
‘Stof waarvan dromen zijn gemaakt’, licht
doorstoofde waterverf, unicaat, òp is op.

CorneliaCornelia Troost/2016

Stek

In de wiegeling op de stek
de visvorming

Zet de plaats af.
Stel de klok in.
Leg de maat vast

en vertrek.

 

‘t

Jij (ik?) dacht het uitgewerkt,
maar nu het zuigt, schootsveld

ogenschijnlijk, de schrijfhand
in zijn ziel geraakt, digitaal

woorden briesend naar wat zeg
paard aanspoort, ’t horen laat –

Iedere maand een nieuw gedicht van ‘monnik’ Theo van der Wacht

 

Gevrijwaard

Stofwoorden die opstuivend de pluizige lente
verraden, zuidzuidwest, schapenwolken in het
blauw aangestipt, gevrijwaard van zwaarte

en hemelvrees, als een trekvogel op doorreis,
bovenwinds op de luchtstroom meedrijvend.
Jij? Ik? Zwichtend voor die onmogelijkheid?

Met onze vlerken gekortwiekt, uitkauwend bij
kunstlicht, het oude lied van al hoger en hoger,
John Keats, zonder leeuwerik in het verschiet.

 

Alle maanden

We schrijven een antieke oktober, Augustus is keizer in
Rome, ongerust over een baby die in maart is ontloken
– Mars, oorlog, Joden, Vandalen. – Duikt november als
elf op in de annalen – ‘Rijmt mooi, maar waar bleef Jezus
in dit verhaal,’ vraagt onze meester, die eind december
geen stal maar een dennenboom optooit, ons al eerder
besmuikt verhaalde dat september de bronstmaand is –
Met burlende herten, een afgedankt gewei. – Winter?
Die is haast al voorbij, één wit –

regel , en de woeste wil van april staat weer centraal,
le sacre du printemps, waar de natuur buiten zinnen op
mei aanstuurt, met hopelijk iets nieuws op het plankier –
En juni zich modieus aan het optutten is, selfies uitdeelt,
schouwspel door martelaren verafschuwd, als Julia ruw
door opa Saturnus wordt belaagd, februari met januari
op de vuist gaat, om wie ‘t eerst mag, de boete achteraf –

 

ontnuchtering

 

 

 

Ontnuchtering

Os staat verbaasd op stal, en voor ezel heeft het
balken allengs afgedaan, maar de ganzen slaan
milieu-alarm, en ik?, die vat in een bevlieging
Pegasus bij zijn staart, maar dit raspaard keert
zich briesend af, zelfs geen hoefslag kan er af –

Daarom blader ik prozaïsch door wat kranten,
zie de foto’s, spot de ellende en share mijn wel-
bevinden op Kletsboek met een selfie voor al
mijn vrienden voor vandaag en nog heel even

Jezus en ik, wat hebben we het samen fijn: Hij
veilig in de warmte van de stal, ik ontnuchterd
door de mistletoe, dennengeur en schone schijn –

Piet en Sint

De Piet van Sinterklaas

Die Piet, of ie nu pimpelpaars, pikzwart of spierwit
door het leven gaat, de duvel en zijn ouwe moer of
erger nog, een betovergrootvader als voorzaat heeft,
het zijn z’n lach, zijn springerigheid en de ondeugd
waar hij voor staat.- O middeleeuwse Piet, wanneer
deed jij nu òoit een braaf oppassende kleuter kwaad –

 

licht

Echt licht

Lichtsnelheid – Botsing – Beng!  Split second – onze capsule spat   uiteen, kernsplijting op papier, door een oneigenlijke bril bezien,  en digitaal weerspiegeld en geformuleerd voor wie het navertellen kan en wil.. U misschien, vanaf de Dierenriem? – Filmt men daar straks niet het Sint-Elmusvuur van ons ‘allerlaatste uur ……..?’

Ik klap mijn laptop dicht, blik een oogwenk in echt licht, bedenk ‘schaduw van de zon’ en beklim in een flow het eerste de beste hoge duin. Met GPS stand by ontdek ik het terras aan zee waar de anderen ogenschijnlijk al zijn.- Wars van angst, kies ik de kortste weg  naar het strand: Prikkeldraad. Winkelhaak. Bloeddruppels in het mulle zand –

Nieuws-app meldt:  Er is een onvermoede zonsondergang voorspeld.

 

theo2

Pi

‘Be willing to be blind, and give up all longing to know the why and how,
for knowing will be more of a hindrance than a help’

The Cloud of Unknowing,
anonymus medieval English.

Reeds als ezelsbrug om veel te houden van: Wie ù kent, o getal (…..)
Zo gewoon als ik mij verliefd betoon: deze omhelzing = omcirkeling, een
kwestie van niet bang zijn vóor – ons gekromd heelal in vierkant op papier.
Dit taalt naar kwadratuur, naar geest die huist waar nog niet eerder iemand is geweest, boven die wolk van niet weten uit, waar nog van alles mogelijk lijkt..

(Wie verzint er nu zoiets, bromt professor Wit, aanhanger van de lege blik.)

Pluto of Venus, een baksteen of een kus.- Die plotse zonsverduistering komt
mij goed van pas.- Ik klamp me in pikkedonker vast aan het getal, laat Pi zijn
Odyssee verrichten in mijn dromerige brein: Sterrenschepen bewegwijzeren
de kosmische woestijn. Tijdreizigers cirkelen af en aan, spelen stommetje,
een spraak die mij verstaat.- Waar het almaar vroeger wordt, ontwaak ik vast
te laat..

 

theo

OFFERANDE

Wat er àl niet in die twitterende hoofdjes rondwaart –
Je vraagt het je amper af, of jouw naam schalt door
de klas, en verspringen vrees en durf spontaan van plaats,
zit jij daar plots als primus inter pares een overjarige
heldensage op te dissen, benevens de list die Atlas voor
eeuwig met zijn last opzadelt. Van de gezichten rond je
druipt het ongeloof af, hoogste tijd dus om de woorden
nous, thumos,epithumia te arceren, Plato’s Phaedrus een
kans te geven, de aura van een geleerde aan te nemen –
En sta je later werkelijk als leraar voor een gehoor dat
zijn oor het liefst toch aan zo’n smartphone leent, sla
dan de handen voor je ogen, zoals Oidipoes de blinde,
en smeek Apollo, of hij jouw offerande wèl aanvaarden
wil, en reis daarvoor nù naar Delphi af, stante pede

Idee: Eva van der Wacht (gymnasium 5)
Tekst: Theo van der Wacht
juli 2015

 

Badkoorts

Over de zee schrijven, na er enkel maar over te hebben gelezen, dat deden zelfs
gelauwerde poëeten. Zulke onvertrouwdheid hoeft op zich niet altijd in mindere
gedichten te resulteren. Zeeziekte en zeebenen, daarover kun je twisten, maar al
via een schep badzout laat je dat ouderwetse ligbad herleven, waarin je als kind
ooit werd gekielhaald – de shampoo prikt weer in je ogen, schuim spat van de
golven, jouw erectie rijmt op Aphrodite, en je boekte al een cruise naar Cyprus.

Op de Mediterranee zet de schipper alle zeilen bij om aan Scylla en Charibdis te
ontkomen. De scheepsomroep orakelt: ‘Zeven korte stoten plus een lange op de
scheepsfluit betekent Schip verlaten. Eerst de bejaarden.’ Beneden oefent moeder
La Mer op de piano. Badwater gorgelt in de afvoer. Mijn badeend raakt volledig
onbestuurbaar. Ons zeekasteel begint nu te trillen en te deinzen. Terwijl ik uit het
bad stap en mij afdroog, raakt de reddingsboot te water. Schipbreuk is voor later –

 

theo van der wacht

Doodmoe van politiek geknoei en blabla die gast
een Haags middagje zeebad te offreren – ligstoel
badhanddoek parasol.- Maar of ie zal toehappen,
wie zal ons vandaag onbewolkt weer garanderen –
– Ober! Eén portie ballen! Gloeiend heet, svp.
Ik relax en rol een sigaretje, en verbeeld me
zijn vlammenzee tegenover mijn saffie, hij
het langste.., ik het kortstonderige eindje…
En hoor hem ja nu in de verte al brommen:
– Bruinbakken? Kijk je uit voor je weet wel, ventje.
Pfff. – Wie lust er een bal van me, wie een trekkie?

 

Juni van muziek

Zon hier woord dat zich opdringt wel
is waar enkel kunstlicht afscheidt toch
met juni en deze duinpan in het zicht

een tropisch tintje aan de ingezoemde
klank verleent, melodieuze frase door
ooit een kind baarmoederlijk beleefd

roze noten, broederlijk brein verkleefd
nooit meer dichter in de buurt vertoefd
wit de zee die dit geneurie onderbreekt.

 

Sinds de oorlog vermist

De vader ‘Is over the ocean’, en leeft sinds
de oorlog voort als vermist. De moeder, tipsy,
knoeit met bokking op haar corrigeeerwerk en
gebaart de buurtende zoon om een vaatdoek.
Tot de hond die haar onbedaarlijk te na komt:
‘Wacht maar als de captain zo thuisvaart!’, en
wuivend naar diens ovale, vergeelde portret:
‘Die is nu al ruim een halve eeuw onderweg.’

Of ik Dido’s klaaglied nog eens opzet, liefst het
vertrouwde met kraak. Onderwijl kijkt ze terug op
de moffentijd, en praat zelfs als ik Purcell brul, wijs
richting langspeelplaat, onverstoord door over mij,
het lastpak, dat luid op straat ‘We gaan naar Engeland’
begon te zingen in het ‘soldaten’ Duits.
Onvergetelijk
blijft mijn doorgevraag waarom de kat van boven niet zo.n
 ster draagt: – Mam, mag Tomi dan wel bij ons, straks?

En opnieuw vaar ik over een opengevouwen zee
mijn daddy achterna, en weer als we Tunis aandoen,
slaat er die brandbom in, vlak bij ons in de buurt –
De gevreesde vuurstorm blijft uit, het dodental beperkt
en ik, de grootadmiraal, wip onder de tafel vandaan
met mijn bordkartonnen vlaggenschip.
Tijdens zo’n
uitvaartdienst speelt moeder de treurmuziek; thuis
zwoegt ze op wat zij noemt De Ontembare Zee
La Mer lees ik, vurig spellend, op de partituur.

’Evacueren’, rebbelt ze, ‘hield in dat je tegen je zin ..’
‘Haast je rep je moest verhuizen’, overstem ik haar,
’wat voor ons uitdraaide op inwoning bij een boer.’
’O, die smeerboel als de beerput overliep!’, roept ze uit.
‘Fecaliën, moeder, die in jouw woorden toen, á la de
Armada samenschoolden in de goot….’
‘Wat ìk nog goed weet’, verzucht ze, ‘is hoe wij daar
op het platteland tandakten naar een schep zeelucht.’

Weer hoor ik mijn nieuwe schooljuf bidden tot een ‘Heer’
die niet bestond (als ik mijn moeder geloven mocht); zèlf
dorstte ik naar de periodiek  ‘Wie,Wat, Waar,Wanneer?’,
met als mijn favoriete premieplaat de beeltenis van een
raadselachtig bloot, Aphrodite Anadyomene genaamd.

‘De dokter’, zegt moeder, ‘typeerde jouw val in vijandelijk
prikkeldraad als een vuurdoop, en ..’
Duurde het wachten in de
kliniek een eeuwigheid – tijd genoeg om te bepeinzen waarom
die zogeheten almachtige god dit alles toch toestaat, dat kwaad,
die rot oorlog (alleen al de Deutschfeindliche scheepsruimte
– in bruto registertonnen – die er de eerste oorlogsjaren volgens
persbureau Reuters dagelijks ’in de grond werd geboord’…)
– het hechten van de wond daarentegen was in een oogwenk
gebeurd.

Een projectiel als de halfjaarlijkse brief van het Rode Kruis:
het ergste vrezend zie je haar die openritsen – dood?
vermist? of misschien toch weer een levensteken?
Is het een wonder dat de uitdrukking ‘strakjes als’
permanent vóor in moeders mond bestorven ligt?

Wanneer honger en winter hen aan bed binden,
wijst de moeder de zoon in Duizend en Een Nacht,
net voor ook dit boek wordt verstookt, op de zeeman
Sinbad
– diens schipbreuk, diens volharding, diens geluk.
Enkel de kindertekening van een boot, wat kranten
tegen de tocht, en de wereldkaart aan de wand
(knopspelden registreren er het ‘landjepik’)
blijven nog zo lang voor de kachel gespaard.

Op de dag van het bericht dat ook deze vader
officieel wordt vermist, sneeuwt het haring en
Zweeds wittebrood uit de wolkenloze lucht –


Uit de diepte

ter nagedachtenis aan
M.P.J. van der Wacht,
Den Haag, 1906 – Sardonische zee, 1944

Er zwemt iemand over mijn graf.- De juiste plek?
Die staat exact in de scheepsverklaring vermeld.

Al sinds die oorlog rusten mijn resten hier op een
geïmproviseerd bed, maar mijn dood houdt dankzij
een nabestaande hardnekkig stand, al nadert de rij
overlevenden thans in een versneld tempo zijn eind –

De zee hier is twee honderd vaam diep. Op je eentje
duiken lijkt me te gewaagd. De toegang die de mijn in
de scheepshuid sloeg, staat als altijd open voor bezoek –

 

feut

opnieuw lente een gloed
tussen dood en geboorte

waar een feut zit te broeden
op de ingevroren narcissen

met de vreselijke woorden
van geen zon die wil gloren

 

lente bij hoog en bij laag

Opvlucht van dwarrelende blink wiens
saltomortales zich mengen met mus en getsjilp
omstreeks het daktuimelraam alwaar mijn
onzalige, buitelende kater

Tik later weerstaat zwaan de slagkracht
van een minnaar – plons kreet en snavel
in poldervaart die op eindeloos uitloopt

Na zo’n moment waar je bij hoog en bij
laag zwoer dat hij echt was die leeuwerik

 

Afvragen

Nadenkend over stad rijzen er  vragen  als
Verhaal of gedicht?  Voor jong en/ of oud?
Schepje zoet, puntje zout? Wie is hier ik?       

Waarom hij nu net een bankkraak beraamt,
zij op de fiets haar cliënten bezoekt, en jij
aan een stickie sabbelt in de koffieshop.

En ik? Die overziet op de luchtkaart vrijwel
alle buurten en straten. Weegt risico´s.
Vraagt af. Ziet heuse kansen –  Jenseits von
Gut und Böse? –

Verzwijgen

Wil het stilletjes ondersneeuwen
Voluit betekenisloos witte vegen

Met geen winterwoord te verven
Door geen oogwenk in te perken
Niks dan niets wordt er vergeven

Hartklop adem matglas doorkijk
Hoor hoe die het ook verzwijgen

 

Op het nieuwste jaar

(astrofysica)

‘im Ganzen is immer schon alles gezählt’
R.M. Rilke

…als in het morgenrood van ooit, op die eerste
ochtenstond, waar behalve licht geen ander
schrift bestaat, geen priemgetal, geen maat…

…wat later
met roze champagne en vodden bij de hand,
wij, als halfproduct van oerknal, god en
pandorische kunst en wetenschap…

Pandora

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pandora
John W. Waterhouse

 

Tante Sint en oom Piet
een moraliteit

sintenpiet

Voor wie gelooft duikt de vliegboot uit
Spanje weer op.- Mijn oom speelt voor
Piet, mijn tante voor Sint. Oom besnord
En bebaard, tante zorgvuldig onthaard.
Oom zweert bij een tok, tante bij naakt.

Verwacht hier geen kadoos uit de zak van
Oom Piet, geen ‘lief of stout’ uit de mond
Van mijn tante de Sint, ook niet het wit en
Zwart door het oog van een kind, noch het
Blindvaren op, en wie doet dat soms niet..

Op een speelse tik heb ik oom Wim zelden
Betrapt, de schoot van tante Fien verwekte
Blosjes die ik pas heel veel later doorzag –
En mijn tante Sint en oom Piet?- Die twee
Bruinen zich behagelijk ontkleed, zo niet
Aan Spaans strand, dan toch wel op hun

Zonnebaadbank

 

Herfstcyclonen

herfstcyclonen

 

 

 

 

 

Weer peren, Eva, herfstcyclonen.
Hoogseizoen voor oude dromers:
zijn blote hand onder de bank en
zij die deed of ze niks zag, maar in
de nablijfklas schrijft opa zich een
lamme arm, strafregels levenslang
Dwars door de schaamte heen want
straalverliefd kwadraat maal pi – de
afstand tussen rijtjeshuis en Paradijs

– en altijd keurig voor het eten thuis.

 

Veredeld licht

Een simpele vingerveeg, en we zwerven uit
over het wereldnet. – Ontdek jij nu een passende
voorgeschiedenis, dan test ik de nieuwste app.

Gehaaide diginauten zonder pen en boekenlast –
Knipogend naar Slim O’Dysseus, praten zij rad
Trojaanse paarden en hun aanhang van het web

En surfen ze op golven veredeld licht, aldoor
laverend tussen onbekend en gerenommeerd,
van Genesis naar Jongste Dag, en omgekeerd.

 

Obsidiaan

Oersteen om voor tot op de bodem te gaan.
Naam stamt van Obsius de ontdekker ervan.
Ons klompje vulkaan meet een kilo of drie.

De glasmeester heeft wel oren naar onze idee.
– Kwestie van chemie, vakwerk en fantasie.
Vaste prijs voor ieder van ons: een splinter

ziel. –
Een loopje met Faust? – Kom doe niet
zo flauw! –
En zo zoeken wij nog altijd naar
de enige naam voor deze trofee, van dit glas
hard glinsterend zwart

 

Voetbalheldendom

‘Ik heb mezelf nooit als een held gezien’
Wim Kieft

Voetbalheldendom Theo van der Wacht

Vier tassen markeren het plein tot een speelveld,
de mat van fijn asfalt.-  Je speelt er om de eer van
je straat, vandaag 6 tegen 5, wij buiten kijf met een
vliegende kiep, wiens bloedende knie ìnstaat voor
felheid en strijd.- ‘Zat deze nu wel ja dan niet, of
was het “over en naast”, dat balletje van een cent’.

De fluitist die er bij ons aan ontbrak staat de volgende
dag in de sportkrant, om de pienantie die hij al dan niet
gaf, om de schwalbe die hij als enige niet zag…

En nooit
zullen we zijn uitgepraat over dat schot zijkant paal
in de laatste minuut, over die teenlengte pech in de weg,
het minieme verschil tussen uitzinnig geluk en
peilloos verdriet.

Toch gaan we vandaag opnieuw onversaagd uit ons dak –
in de clubkleur, mèt spandoek, in ons eigenste vak –
voor een spelletje en een relletje, als eerbetoon en ter
herinnering, aan het voetbalheldendom

 

Nachtegalen

Zinnebeeld? Idool? Sinds mensenheugenis de eerste
viool in mythen, sprookjes, en verhalen. Wereldwijd
drager van namen als bulbul, rossignol, nightingale.

Vogel met zo’n staat van dienst, en toch de echte niet.
Die verbergt zich op een kwartiertje gaans van hier
in de gure voorjaarsnacht, in de afgerasterde natuur.

Daar nu te staan kleumen onder een straatlantaarn –
Zonder mobiel. Zonder woorden. Zonder partituur.
Met alleen maar die trillers uit een keel, het vurig
begin van sneeuw –

 

Cader Idris

De imker spreekt slechts Gaelic, vandaar
de gebarentaal, hem vroeg je naar de weg.

Je had je danig voorbereid op deze tocht
maar door damp en een kompas dat miswijst –

Terwijl je samen honing eet, melk drinkt
van de geit, keer je vliegenvlug

terug in de tijd. Je staat nu hoog
op de plaats zoals een voorzaat die beschreef:

behalve de sneeuw, alleen steen, gruis.
Er nooit dichter vandaan treur je thuis.

( Cader Idris: bergrug te Wales. ‘Wie er de nacht
doorbracht, ontwaakte er ’s morgens alleen als
krankzinnige of dichter…’.)

 

Alle vogels

‘April is the cruellest month’
Wasteland, T.S. Eliot

Vrij verklaarde vogel op de vlucht; een valstrik
plukt hem aanhalig uit de lucht.- Doodsangst tergt
de omgeknoopte strop, opschortend het finale moment –
de onwerkelijkheid: alle vogels behalve jij en ik

 

Verwachting

Nog 1 keerlus en het land ligt braak
Golvende kluiten schitterend zwart

Vorst vreet al nachten aan de grond
Verwachting dat het sneeuwen gaat

De stramheid van de ochtendkilte
Alleen het koffiezetsel zich betuigt

Buiten dolt de zon met nevelslierten
Regenboog om verzen in te weiden

 

Marcel van Eeden

Vloek

Zuidzuidwest
Der
Nordost wehet. Zeelicht inkt gewolkte zwart
legt blikseminslag bloot
Zo’n beeld verstaat zich
tegendraads
met wat de kijker leest
kantelt
de ogenblik die zwalkend
gat op gat bikt in de tijd.
Op het ontbijtbord restjes
gekleurde hagelslag als
bloedcel
voor de nieuwste dag die
aanschreeuwt uit het boek
van woorden licht en vrees, verenigd tot een vloek –

Citaat uit Andenken van Friedrich Hölderlin
Tekst geïnspireerd door een Vloek van Cor Gout en
het Tekenwerk van Marcel van Eeden

 

Barrières

…al is je mond gortdroog, je lippen gebarsten
en brandt je tong van wat je verzwijgen zal

Onvergelijkelijke herinnering aan, je zou het
willen uitschreeuwen maar

Kinderen, buren, de taalbarrières van….

 

Aloude nachtegaal

Al vroeg in China maakt men hem knap als
mechaniekje na, favoriete speeldoos van
menig potentaat en kunstenaar
………………………………………..Zanger, verleider,
bedrieger
……………Bulbul in het Perzisch, naleesbaar
in het Chinees
…………………..De mijne verbergt zich het gehele jaar door
op een zoekopdrachtje gaans –
……………………………………..zie de pixels waaruit hij
bibberend ontstaat, beluister de klanken
waarop hij ons blikkerig onthaalt –

Solist in digitaal grijs
…………………………….zijn silhouet
echt als surrogaat

 

Atopia

“Nooit iets van waarde meenemen op reis (…)
je moet bereid zijn alles te verliezen’.
Redmond O’Hanlon

Die naam praait om een schip
compleet met kraaiennest en uitkijk, zware ijsgang,
walvissen en mist
‘Ahoi boots, land in zicht.’

~~~~~~ ^^—-#~~~ Dit krabbeltje als eerste aanzet van
de cartograaf. – Nieuw land wordt onbegrensd
in kaart gebracht.

~~~~~~~~~~~~~~~

Een plof, een schok, en nu het helder wordt, blijkt dat ìk
de noodlanding heb uitgelokt
Ik gesp mijn gordel los,
doe afstand van bagage en mijn pas
‘Dear Liberty’,
met dank aan William Wordsworth volg ik als gids en
toeverlaat de eerste de beste wandelende wolk
I cannot miss my way’,

kompas noch kaart, laat staan een laptop, belemmeren
mijn gaan
te voet en liftend On the road die mij alles doet
vergeten wat ik er van weet
kriskrassend over de planeet.….

Grenzstein 37 –
foto Tanya van der Wacht
Stemwede- Levern

 

Tango en vrouw

O Màlena, hoe jij als tango en als vrouw:
zelfs in mijn slaap (ik droom een rokerig
lokaal) omhelzen wij La Yumba en elkaar

Onvermoeibaar achter-, zijwaarts, gancho,
zwaai – in overrompelende taal de zweepjes

van vocaal en bandoneon, tot plotseling die

schel

Nee, aan dit café kleeft geen nachtverbod,
enkel de timer van mijn radioklok, belletje
waarvan ik wakker schrok, als jammerlijk
slotakkoord.

 

Gepost in Home, Poëzie | Getagged , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Nieuwe recensie: Wie heeft er een middelpunt nodig, Anouk Smies door Arjen van Meijgaard

Anouk SmiesAnouk Smies, Wie heeft er een middelpunt nodig?
Eindhoven 2016 (Opwenteling)

Lees hier de recensie

Gepost in Geen categorie | Plaats een reactie

De mooie mond van Bobby Cespedes van Ulises Segura genomineerd

BoekUlisesSeguraDe mooie mond van Bobby Cespedes van Ulises Segura is genomineerd voor longlist van de ANV debutantenprijs 2017. De verhalenbundel is de eerste uitgave in de Extaze-reeks, een serie debuten van talentvolle auteurs die eerder in het literaire tijdschrift Extaze publiceerden.

http://www.anv.nl/fondsen-en-act…/anv-debutantenprijs/2017-2

Meer over de Extaze-reeks.
De mooie mond van Bobby Cespedes van Ulises Segura bestellen.

 

Gepost in Extaze-reeks, Home | Getagged , , , , , , , , , | Plaats een reactie

Presentatie Extaze nr. 21 in beeld

Donderdagavond 2 maart Extaze in de Houtrustkerk.
Foto’s: Eric de Vries

Gepost in Geen categorie | Plaats een reactie